zondag 26 juni 2011

drie gebeurtenissen

1. Una Malaguena me ha dicho

De vorken tikken. Mannen lachen. Het gelach gaat en keert, gretig in de nog holle magen. Iemand zegt iets wat alleen zij hoort te vernemen. Ze zitten naast elkaar. Uit de zin weet ik alleen op te maken dat hij het over Puerto Rico heeft. '... Puerto Rico, ...' Geen uitroepteken tussen het wrakhout op het strand. In het stemgeluid, dat alleen door de scherpe toon, hoe zacht hij ook spreekt, de warmte mist van het trage genot in de schaduw op het strand, een strand waarbij ik me kleine, ronde schaduwen voorstel, is het het enige wat voldoende toon heeft om op de andere geluiden te gaan drijven: Puerto Rico. Of hij zich een feestelijke, van genot doordrongen zomer herinnert of er integendeel naar uitkijkt, is onduidelijk. Het kontje van Cindy draait om de counter. Ze accentueert het met geen andere bedoeling, door vijf zes centimeter aan de beweging toe te voegen zonder dat ze naaldhakken hoeft, het gebruik van de cursieve lichaamstaal is net zo ongedwongen als het blonde haar. Ook als ze tot rust komt, in het halve ogenblik tussen wat ze te doen had en wat ze zo meteen gaat doen, staat ze in het dansend cursief, gemaakt door de vele honderden onzichtbare handen die het rijpe lichaam vormen en kneden. De hakken tikken. Ze verdwijnt in de keuken. Er is een gezoem van machines. De andere dame is pas echt rond. Dat verzin ik niet en hoe dat komt, zeg ik niet. No eres bonita como yo! Lo te digo! Yo lo digo a ti!
Dat is de muziek, in de barrio gaan de muren zweten. En ze is niet op haar mond gevallen, trouwens.
Er is klaterend gelach. De dames lachen, iemand heeft een anekdote verteld. 'Ken je de grap van die non waar Bart De Wever voor bezweek?' Het gevogel tjilpt, de zitting kreunt.

2. Ballonsoep

Een varken kan niet liegen, veel vleugels heeft hij nooit. Yanosh is een spraakwaterval. Ze zitten met z'n vieren, hebben alle tijd. Van de kinderen is Yanosh de oudste. De jongste zit bij papa, Yanosh zit naast mama. Yanosh, die met vleugels spreekt, zou het net een tik minder po√ętisch bedoeld hebben, zegt de moeder: een varken kan niet vliegen. Ik schrijf het op en bedenk dat wat Yanosh zei en wat ik begrepen heb op hetzelfde neerkomt.

Geen opmerkingen: