vrijdag 16 januari 2026

alfabet

x
alles Om te huilen is het. Dat de persoon die zich alles toeëigende, daar niets in de plaats voor kreeg.
drek Met hoeveel drek we hier aan tafel zitten . . . buiken naast buiken, ingewanden naast ingewanden . . .
De homo sapiens bestaat voor een buitenproportionele hoeveelheid uit hoofdzakelijk smoesjes en drek. Een halfvolwassen exemplaar staat doorgaans al tot z'n neushaar in de drek. Volwassenen kunnen niet zonder.
eenoog Het grijze beertje met één oog aan een flinterdun koordje. De onzichtbare hond. Memel in het foto-album. De persoon die er met zichzelf vandoor ging. Een met het oplossen hiervan bedreigde verschijningsvorm. Op een zucht van ingeslikt worden. Een onder het gordijn vandaan kruipende hond. Zoekt iets. Ze zoekt iets, zegt de zich over de hond buigende.
gebaar Tijdens het opveren en wegstappen van tafel op het summum van een door een of andere hindernis veroorzaakte heupbeweging het maken van die heupbeweging aanraken.
hond Hondjes dronken aan het stuur van een leiband. En welk hondenras, mevrouw? Heel de familie, zegt ze, ziet er hetzelfde uit, harig, dik, kromme pootjes.
iemand Iemand die in een ternauwernood zichtbare cirkel om zichzelf heen stapt, ergens met een nagel aan de buitenkant van zichzelf vastzit, tegen zichzelf aanplakt. Een aan de buitenkant aan zichzelf vastgenageld personage. Omhulsel. Rups. Dit A.U.B. op een andere manier formuleren.
Moet er nog iets zijn, toevallig?
konijn Komt het konijn, of komt het niet? Met broertjes en zusjes. Of komt het niet? Met hangende pootjes. Zonder pootjes. Of komt het niet.
roze Wolken roze marmer. En daar sta ja dus, aan de wegrand, boom. Op vijf stappen van Mannekensvere. Het polderdecor, een blauwe schaalvis. Opgepeuzeld worden. Het in graten veranderende zelfportret van . . . Derwish pilonen. Van de blauwe viswolk. Wolken doen graag visachtigen, bomen het visgraatmotief. Uit plasticine vervaardigde rietvelden.
schaduw In het leegstaande, van binnenuit verlichte en zich in een onduidelijke fase van renovatie bevindende gebouw is opeens een schaduw voor een van de venstergaten. Van het heen en weer wapperende dekzeil.
val Tasten naar het riempje in de vrije val van het andere. Tasten, voelen, loslaten. Voor het aantasten begint.
vergissing Een automobilist die na nodeloos lang nadenken hierover de verkeerde beslissing neemt. Een restaurant dat niet open wil. We willen niet, zeggen alle ramen en de kartonnen dozen op de stoep.




Geen opmerkingen: