dinsdag 24 februari 2026

hond

Ik had niet de tijd om na te denken over wat jij voor haar verzwegen hield.
We betreden het lokaal. Zij, jij, ik. Is er een tafel vrij? We nemen plaats.
Jij opent je smartphone die in een weide verandert. Zij heeft een hond in haar handtas.
In jouw smartphone blijkt ook een hond te zitten. Ook in die van een dame met luipaardmotief.
Deel ik dit moment of hou ik het voor mezelf? Hoe zit het met die anderen. Diertjes
in de bokalen van het geroezemoes. Vertel je haar wat je voor jezelf verzwegen hield?
Ik had, zegt hij, geen tijd om na te denken over wat ze voor jou verzwegen hield.
Dat ook ik in je smartphone zit. Ben jij een witte of ben je een zwarte hond?
Ik een zwarte, zeg je. Wat is er met jouw baasje gebeurd, vraag ik. Weg, zeg je.
Hebben we nog even wat tijd om hierover na te denken. Nee. Sorry, je tijd is op.

Geen opmerkingen: