donderdag 17 januari 2013

ooit

Nee, juffrouw, daar ben ik zeker van. En heel even dat logica-systeem: daar ben ik zeker van. Een kabouter is
Is een kabouter. (luidkeels gelach)
Is ze ooit blond geweest? (luidkeels gelach)
Dik én blond. (luidkeels gelach)
En onder ons gezegd en gezwegen...
Aangenaam?
Nee.
Niet aangenaam en...
Nee.
Echt ambetant?
Ja.
En... van het procent dat overblijft, van die 3% het beste? Wo hooh. (luidkeels gelach) Nihil. We zitten niet in Casablanca...
Nee, dat zit er niet in. Geen blondje dus. Het verschil tussen een pekelteve (pekelteef) en een gesgete (grasgeit in Algemeen Onbeschaafd Nederlands) is ook niet zo meteen uitgelegd. Van een grasgeit kunt ge niet kwalijk nemen, verneem ik, dat ze... Een grasgeit, of gesgeite, zoals ze het zeggen, is dom, onbewust, veroorzaakt ergernis. De pekelteef daarentegen, ik noteer, is slim, handelt met voorbedachte rade, manipuleert, koeioneert.
In beide gevallen hebben we een type, geen persoonlijkheid, wat een andere kwestie is.
Over de pekelteef: als er een wondje is...

Geraldine

Ik ken niet nog iemand die zo heet, zegt ze. Ze glimlacht.
Ja toch, Chaplin, zeg ik.
Ja, buiten Chaplin.
Uitgezonderd.
Ja, precies.
Chaplin niet meegerekend.
Exact.
Dan ik evenmin, zeg ik. In croxhapox, zeg ik, hadden we trouwens geen werk van Geraldine maar van Victoria, haar dochter, de kleindochter van. Geraldine glundert.
De kleindochter, zegt ze, alsof ze niet 100% begrijpt wat ik bedoel.
Van. De kleindochter van.
Van, van Chaplin? Ze lacht, glundert.
Chaplin, van Chaplin, zeg ik. Geraldine is...
Ja, oud he, zegt ze.
Dood, wou ik zeggen.
Nee, zegt ze. Ze heeft Geraldine Chaplin gegoogled, vond het... Of ze het interessant vond, zegt ze niet.

stofwolk

Uit het gesteente steeg een buitenlichamelijke walm. Urk Peew had de klap niet overleefd. Ik zag rotsen met tongen van vuur. In de grot hielden Biesje en Griesmeel zich bezig met het ontbenen van Urk Peew. Met een schaduw van duizend eeuwen valt Rome over het desolate landschap. Hoe heet je, vroeg ik. Geczy, zei de schaduw die naast me zat. Hij sloeg een rotsblok open, toonde me een lichtdrukmaal van Mimi Kelly. Dat is een foto, zei ik. Hij gromde. Jelle en Ann waren in gesprek, Alice sprong binnen. Adam had het over Pessoa. That's queer, zei ik. Gensters dik als boomstammen spatten over het areaal. Dekking zoeken, riep iemand. In de grot hadden Biesje en Griesmeel de ontbeende resten van Urk Peew aan het spit geregen. Geczy watertandde. Een deur opende, achterin de grot. Iemand met lange, wapperende haardos betrad de grot, zei yes yes yes. Geczy greep een van de kuitbenen van Urk Peew, Griesmeel keek toe. I am, zei Adam, wat Pessoa gezegd had bedoelde hij, reluctant to be coherent. Hij greep de kuit van Urk Peew. If you hear her voice, Adam boog zich over wat van me gebleven was, you will die. Biesje en Griesmeel zaten voorin de grot, keken naar de tramstellen die over het landschap joegen. Ik zat met een takje in het zand te woelen, transpireerde, probeerde te ontcijferen wat ik geschreven had. Geczy glundert: I found four volumes of early Bernhard. Four volumes of early Bernhard, jee. Early Bernhard on Goethe: Kleist send him a manuscript, Goethe threw it in the fire. Hoogachtend, us, Goethe, the institute. Geczy gromt. Een rups klautert over de stofwolken.

zondag 13 januari 2013

plot

Ik probeerde het me te herinneren. Wat voor betekenis het had gehad. Ik zag iemand die z'n lippen tegen een traliehek plaatste. Excuseert u me. Ik had niet de bedoeling om het hierover te hebben. Plaatsen is ook zo'n vreemd werkwoord, vindt u niet, in die context. Waar voor context? Ik zit godverdomme toch m'n niet te tijd verbeuzelen met iemand die niet eens zou weten in wat voor context.
Ik meen me te herinneren dat ik uit het boek opkeek en een rookwolk zag en gekscherend dacht, wat voor orgasme is dat nou.
Iemand die...? Wat zei ze. He, Bollie, sufkop, je gaat toch geen gekke dingen doen. Iemand die haar lippen tegen een traliehek... Ok. Prima. Ik keek op uit het boek, excuseert u me, schoof het van me af. Godverdomme. 'k Had best wat anders te doen.
Ze zat naar me te kijken. Tranen rolden in rock 'n roll over de verblinding van het gestolde tijdstip. Ik greep in de verblinding, vrat aan het ribstuk. Wat voor betekenis het had gehad, excuseert u me, zei ik, oh zei ze - wat voor betekenis, oh zei ik, wat het dan voor betekenis had, zei ik, oh. Of, logisch, wat het los daarvan gehad kon hebben.
Een simpele betekenis, de foto verdwijnt in het boek. In het boek heeft de foto niet meer betekenis dan die van een bladwijzer.
Met zo'n bladwijzer weet je altijd weer waar je beginnen moet.

vrijdag 11 januari 2013

pornografie

In een blaadje staan voor een volstrekt futiele reden, wat zou je nog meer wensen.

donderdag 10 januari 2013

schietstoel

De eerste schietstoel werd gelanceerd op 13 januari 1942. Vlaams-nationalistische lezertjes en lezeresjes herinneren zich ongetwijfeld simplissimus hoe het toen was, met leeuwtjesdrek ingekleurde kringen schaatsend op groenplaats en markt. Vlaams-nationalisme de facto is genetisch gekleurd. Het promille N-VA en Vlaams Belang in de tegenwoordige parlementen geeft aan wat een hachelijke periode het ook toen geweest moet zijn voor iedereen die niet dronken van het Vlaamsche gier in Duits Schweinepupgefleiss door het ingekwartierde hinterland stapte, op avonden als hierboven niet zonder enig risico. Het zegt iets over de Vlaamsche volksaard, meen ik, dat 't zich zo makkelijk met hoffelijke kniesprong tot Beierse volksdansjes liet verleiden. Net als die Vlaamsche volksaard is de schietstoel een uitvinding van Duitse makelij. Wie de rolmops uitvond is niet bekend. Prostitutie is het oudste beroep, hersenspoeling het oudste gebruik.
Over bovenvermeld fenomeen is in Wikipedia het volgende te lezen:

Hersenspoeling wordt in de praktijk van totalitaire regimes gelijkgesteld met 'heropvoeding'. In veel bekende situaties komt er dwang en (lichamelijke en geestelijke) marteling aan te pas.
De meestgebruikte is het onderwerpen van een persoon aan een eindeloze stroom van input, in de vorm van lectuur, films en praatsessies die vaak uren of dagen kunnen duren. Doel is de weerstand te overwinnen en de persoon zijn oude denkpatroon te doen loslaten. Wanneer we van hersenspoeling spreken, ligt de nadruk op het vernietigen van het oude gedachtepatroon.
Vaak wordt de weerstand gebroken met hulpmiddelen. Het onthouden van slaap was een middel dat werd gebruikt in nazi-Duitsland en Rusland. Dit geschiedde door een sirene in een felverlichte cel. Ook het toedienen van drugs kan helpen de persoon ontvankelijker te maken. Door iemands eetpatroon te verstoren, zal de stofwisseling verstoord worden en de weerstand verzwakken. Dit bereikt men ook door de lichamelijke intimiteit te schenden, bijvoorbeeld door iemand zich te laten uitkleden, of zijn intieme lichaamsdelen te schenden (anus, borsten, penis, vagina). In een aantal gevallen wordt de persoon ook lichamelijk mishandeld.
Ceausescu's Securitate had een eigen manier van heropvoeding ontwikkeld. Wanneer iemand zodanig was gemarteld en geïndoctrineerd dat hij zich bij de staat had aangesloten, werd hij gedwongen om een ander, meestal een vriend of familielid, te martelen en hersenspoelen. De persoon was hiermee slachtoffer en dader tegelijk, waardoor de binding met de Securitate sterker werd.

dinsdag 1 januari 2013

schietspoel

Dames..., heren, aanwezigen, hoogeëerde Mijnheer Nationaal-President, en ter uwerzijds, notabelen, mag ik U verzoeken om, euh, plaats te nemen, gaat U zitten, Mijnheer, hoogbegeerd precident, dames, heren, en laten we dus bij deze klinken op John Kaye en het gezegende jaar des Heren 1733, want, jawel, het zal uwes niet ontgaan zijn, en nu spreek ik tot elk van u die z'n hersens straks bij het opstaan van tafel niet overrichterzake dichtritsen moet, in 1733 vond Kaye de schietspoel uit, John Kaye, jawel, en dat, beste toehoorders, is meer dan wat ooit over 2013 gezegd zal kunnen worden. Goed, dus. Prima. Daar klinken we op.

zaterdag 29 december 2012

vrijheid

Advocaat en oud-politicus Coveliers neemt het op voor Scientology, lees ik in De Standaard. 'Ik verdedig de vrijheid van godsdienst,' stelt Coveliers, 'ook die van hen.'
Vrijheid en godsdienst, mijnheer Coveliers, is dat niet zo'n beetje een contradictio in terminis?



zaterdag 22 december 2012

begin

Ik ben ongetwijfeld niet de enige die het eind van de wereld over het hoofd zag. Ik was met andere dingen bezig.
Op de ringvaart is een schip.

vrijdag 21 december 2012

olifant

He, wat sta jij daar te doen. Kras op, jongen. Vertel nu maar eens heel erg specifiek wat jij hier staat te doen.  Ben je een olifant? Ja, ik ben een olifant. Goed. Prima. Mijnheer is een olifant, of mevrouw desnoods. Olifant. Dat noteert Serge in z'n zakagenda: olifant. Goed, prima, een olifant is een olifant.
He, jij daar, wat sta jij hier te doen. Ik ben een olifant mijnheer. Mijnheer is een olifant. Ja, mijnheer, ik ben een olifant mijnheer. Kop dicht, olifant, laat je staart zien. Ik heb geen staart mijnheer. Hoezo je hebt geen staart. Ik heb geen staart mijnheer. Een olifant heeft een staart. Ik heb geen staart mijnheer. Goed, noteer, geen staart. Je hebt olifanten met, je hebt olifanten zonder. Dat schrijft hij op een papiertje, olifant met, olifant zonder. En daar sta je dan, zonder staart. Iemand pent in een boekje: geen staart. Het euvel of ik een dier ben of niet houden ze in beraad.

dinsdag 18 december 2012

dinsdag 18 december

Ken je het Arabische spreekwoord? Waarom praten als je kunt zwijgen.

zondag 16 december 2012

zondag 16 december

De dag begint op een diefje. Een trein rijdt dwars door de slaapkamer. Ik hurk, kak, het geluid is navenant.

glas

Wat doe je met een leeg glas. De voordracht is halverwege, het glas is leeg.
In de nabije omgeving is geen meubilair.
Het lege glas drukt tegen het middenrif. Heeft het een andere plek?
Wat doe ik er mee, de voordracht sleept aan.
Heb ik nog een notitie, in m'n handtas. Het glas is leeg, het is genoeg geweest.
Het glas weggooien, bedenk ik. Voordracht is een kunst. Dat is zeker.
Het weggooien van het glas is minder zeker. Het op een plek laten soms.
Een dame doet hetzelfde, ze plaatst het lege glas dat ze bij had vlak naast het lege glas dat ik een ogenblik eerder naast een van de luidsprekers had geplaatst. Oei.

Wat ik met het lege glas doe. In de nabije omgeving is geen meubilair.
Heeft het een andere plek? Weggooien. Wat doe ik er mee.
Ik diep het notitieboekje uit de handtas op en dat maakt het nog ingewikkelder. Het publiek staat. In een van de hoeken van de zaal is Sheldon Siegel bezig. Het glas, het notitieboekje, de handtas, een leesbril, de stilo en wat je daar aan toegevoegd had willen zien, opeens wordt het teveel.
Nee, er is geen meubilair. De voordracht sleept aan.
Ik werp het glas en Jan vangt het op, dat is een idee. Ik struin over een voetpad, ook dat is een idee. Ik plaats het glas op de vloer, ook dat is een idee, op een plek waar niemand er onverhoeds tegen aan lopen kan.
Met het glas, zonder het weg te gooien, luisteren, zonder het glas weg te gooien. Voordracht is een kunst, bedenk ik.
Opeens staat Jan naast me. Voordracht is een kunst, zeg ik. Zeker, zegt hij. Ik heb het glas tussen pols en middenrif. Gepiep, geronkel, geblaas, toeters, fluitica.

Niemand had het zien aankomen, dat een dame net hetzelfde doet. Ik hurk, til het glas op. Zo zit het opnieuw tussen pols en middenrif. Voordracht is een kunst. Dat is zeker.

donderdag 13 december 2012

Oslo

In Oslo, vertelt iemand, honderd kilometer ten noorden van Oslo, zat hij aan een tafel met drie soorten aardappel. De gastheer serveerde drie soorten aardappel en twee soorten boter. Op het veld stond het graangewas drie meter hoog. Oude haver, gierst, emmer. In de velden, merkt de gesprekspartner op, stond klaver. Klaver is compost. Hij betrad een uit boomstammen gemaakte schuur. In het woonhuis laten ze de sleutel buitenkant deur, voor wie 's avonds laat binnen moet. Omgekeerde wereld. Dat met die oude vikinggranen ging zo. Ze hadden een oude vikingsite opgezocht waar generaties muizen al het graan weggevreten hadden. Van de plaatselijke autoriteit kregen ze carte blanche om er wat planken weg te halen. Dat deden ze. In die oude planken ontdekten ze negen granen en zeven daarvan ontkiemden. Het oude gewas staat drie meter hoog.