dinsdag 17 november 2009

dinsdag 17 november

hoofdstuk 1, waarin ik moeizaam tussen de feiten doorkruip Midden de nacht word ik een paar keer wakker. De eerste keer heb ik het gevoel dat mijn maag in een zurig kubusje veranderd is. De tweede of derde keer ben ik drijfnat. Later heb ik het gevoel dat ik op een dik en veilig kussen drijf, de maagstoornis is opgelost of op z'n minst veranderd in een behaaglijke leegte.
's Ochtends, een late ochtend, ik word wakker rond een uur of tien, word ik met een toenemend aantal mankementen en onvolkomenheden geconfronteerd, pijn in de rug, slappe spieren, pijnlijke vinger- en teentoppen, kortademigheid, knarsende longen. Ik besluit slechts de gebruikelijke en hoogst noodzakelijke maatregelen te nemen, slik een geut echinacea, neem wat propolis, later op de dag Aswaganda, een Indisch preparaat en Drosera rotundifolia waarvan ik maar liefst 30 druppeltjes toevoegen mag aan warm water of fruitsap naar keuze. Ook halveer ik stiekem een citroen en pers beide helften in een glas met heet water. Dat stelt me in staat om tot een uur of drie met de inbox en de blog bezig te blijven. Van tijd tot tijd trilt de gsm. De oproepen beantwoord ik met grote tegenzin. Sjoerd springt binnen, is niet eerder op huisnummer 37 geweest. Hij heeft een thermos met warme witloofsoep bij. Dat is attent van Sjoerd en Gwen. De soep is prima. Drie borden. Marc informeert naar mijn toestand, maakt zich zorgen over het verdwenen document. 's Avonds stap ik naar een biozaak in de buurt. Dat valt mee. Een broodje, rodebietenpasta, pasta van brocolli, seitan, pompelmoessap van Hageland, saliesnoepjes en een 50 ml flesje met tinctuur van zonnedauw, een vleesetende plant. De verpakking vermeldt dat 't een gunstige invloed heeft op borst en keel. Weer thuis plak ik met m'n rug gedurende enige tijd tegen een van de radiatoren. Ik besluit om een stapje te wagen, neem de auto en rij naar 't Gouden Hoofd. Hier hebben ze een rustige avond, zelfs het tafeltje vlakbij de gaskachel staat ter beschikking. Ik nestel me vlak voor de gaskachel, bestel de dagschotel en een glas water. Aan de belendende tafel twee jongedames. Wat ze eten ontgaat me. Een manspersoon staat met ze te praten. Mijn blik valt op de dinsdageditie van 's lands meest ondernemingsgezinde krantje. Hij heeft beide armen om het dagbladverschijnsel heen geklemd, alsof hij 't voor boosaardige blikken behoeden wil. Ik kruip overeind, spreek het jongmens aan, een sympathieke kerel. 'Heb je De Morgen al doorgekauwd,' vraag ik hoffelijk, 'of moet je er nog aan beginnen?' Hij moet er nog aan beginnen. Als hij er mee klaar is, mag ik het hebben, belooft hij. Een van de dames tast in haar reistas en reikt me het exemplaar aan dat ze zelf tijdens het forenzisch halfuur doornam. Ze is tevreden als ik niet vergeet om het haar terug te bezorgen. Lusteloos sla ik de bladzijden om.

hoofdstuk 2, waarin ik naast Sven Van Swaef aan de toog van 't Gouden Hoofd beland en warme wijn te drinken krijg De rug was me opgevallen. De rug was me niet zomaar opgevallen. Eerst is er de weelderige haardos, dan de ietwat nonchalante houding van iemand die zich van nature amper zorgen maakt, later, als ik de portefeuille tevoorschijn gris, het is Annemie die uitrekent wat ik te betalen heb, het montere gezicht van Sven Van Swaef.
- Van Swaef! Ik dacht dat gij het waart.
Ik blijf plakken, Sven trakteert, ik bestel een glas warme wijn. De wijn is op smaak gebracht met honing en een schijfje citroen, misschien hebben ze er ook wat kruidnagel aan toegevoegd.
Van Swaef is een groot voorstander van simpele dingen. Tot die simpele dingen behoort de houtkachel. Het gesprek komt op vinyl en z'n revox, een platendraaier met kristallen ontvanger. Dat is muziek op z'n zuiverst. Als het apparaat gerepareerd moet worden gaat hij in Dendermonde langs bij de Radio- en Tevekliniek van Maurits De Letter. Ge valt achterover, preciseert Van Swaef, van wat ge daar te zien krijgt.
Aan de Brusselse Poort ontdekte hij een nieuwe keet, Jour de Fête, een aan te raden restaurantje. Onlangs heeft hij er een wildschotel genuttigd: wild met kastanjepuree, (likkebaardend) brrrrrrrrrr, h-m-m-m! (likkebaardend) brrrrrrrrrr, h-m-m-m!

Ik pik nog een interessante instructie mee over hoe je koffie opgieten moet: eerst een geut koud water, dan het kokendhete water.
En deze: een weinig chicorie toevoegen.
Of deze: een snuifje zout toevoegen.
Een lauwe moeheid overvalt me.

hoofdstuk 3, waarin ik met een gaslek te maken krijg Diagnose 1. In de maag is een cordon blue beland, geserveerd in een pikant jasje van fettucini en tomatensaus.
Eerder hadden enorme hoeveelheden citroensap een disfunctie van het verteringsproces op gang gebracht. De maagsappen weten niet wat ze met de nieuwkomer aan moeten. Hoe aanwezig ook, voor de maagsappen is de cordon blue in z'n pikante jasje van fettucini en tomatensaus quantité négligeable.
Het ontbinden van de cordon blue wordt op de lange baan geschoven. Verlamd door het citroenzuur komen ze er niet uit.
Kort na bovenvermelde feiten doet zich een ongebruikelijk hevige gasontwikkeling voor.

Diagnose 2. M'n schedel is per vergissing tussen de aardappelschillen beland. Een te verwaarlozen minpunt.
De grote teen van de linkervoet blijft in het bezemhok rondhangen nadat de benen zich iets na middernacht uit het opberghok teruggetrokken hadden.

maandag 16 november 2009

maandag 16 november

Tot halftwaalf blijf ik in bed liggen. Vanuit deze positie, waar ik me tevreden mee stellen kan zolang de hoestbuien maar achterwege blijven, staar ik naar het roestbruine bladerdak van een berkje. Wind speelt met de takken.

Traagheid.

Ik halveer de citroen, pers beide helften uit in een glas, voeg er heet water aan toe.
Zodra ik de buitenlucht betreed, voel ik hoe mijn lichaam uit twee slappe, niet met elkaar communicerende helften bestaat, helften die slechts één ding met elkaar hebben: inertie. Het fietsen gaat aan een slakkegangetje. Ik ben futloos, fiets naar de Vrijdagmarkt. In een vlakbijgelegen restaurant bestel ik de vol au vent. Na drie happen kom ik er op uit dat ik eigenlijk geen honger heb.

Halfdrie. Onbegrijpelijk... Het document is verdwenen. We hadden een afspraak met iemand van KBC Kouter. Ook Marc begrijpt er geen snars van.

zaterdag 14 november 2009

weekendalfabet (10)

Beckers Zaterdagnamiddag, 15u, tweede uitvoering van 't Zwartetafeltjeconcert van Hans Beckers. Lee en Stefaan in gesprek over polyfonie.
In de hedendaagse muziek, legt Van Ryssen uit, bestaat het begrip dissonantie niet. Tussen de do en de re hebt ge 9 komma's. Do kruis is 5 komma's hoger dan do.
Van Ryssen: Sinds Schönberg, eigenlijk sinds Mahler al, zijn we verlost van de dominantie van grote en kleine terts.

Charlotte en Dave
Charlotte en Dave vallen binnen, uren na sluitingstijd. Het gesprek komt op argot.

Chinees
He, waar is de Chinees naartoe?
- Die hebben ze meegenomen.

de donderpad
Op straat passeert een donderpad. Elke jaargang levert een handvol van deze naargeestige en glibberige soort, lui waar je bij nader inzien liever helemaal niets mee te maken had gehad.

Dirk
overwintert op de Azoren.

Frauke en Jesper
Jesper is schrijnwerker van opleiding. Frauke studeert animatiefilm. Bart Lodewijks fietste naar de Noordkaap, Frauke en Jesper om het Middelandse zeebekken heen. Fietsen in de Sahara, in Italië in een boom slapen. Frauke hierover dat ze de dennenboom veel te hoog vond. Jesper dattie perfect was om in te slapen. Meer hierover op www.zadelpijn.blogspot.com.

haricot Fumer comme un haricot. In Wolters Frans/Nederlands, dat is helaas niet meteen een autoriteit op het vlak van de Franse taal, staat bij 1 haricot (m boon) onder andere ook des haricots: niets, niemendal. Ik had fumer comme une choucroute kunnen zeggen (fumer comme un chromosom, fumer comme un chirurgien, fumer comme un lance-flammes) maar toen ik fumer comme zei, en daar even over nadacht, was haricot het eerste woord dat in me opkwam.

maaltijd
Zaterdag: een groentenbouillon. Aan het belendende tafeltje rust de menukaart op de tanden van een vork.
Zondag: pescado frito. Het meisje dat de tafels doet, merkt ons niet op. 't Scheelt niet veel of we stappen op.

Mil
schaft zich Over Vorm van Hans Theys aan en wordt steunend lid.

Nederland
In Nederland, zegt Lee, Lee is de echtgenote van Roel Jacobs, heeft iedereen wel ergens een familielid dat iets met Indonesië te maken heeft.

Paul Auster The Book of Illusions van Paul Auster. Het is Frips die had gezegd dat ik echt eens Paul Auster lezen moest.
In het Engels natuurlijk. Ook Philip Roth leest ze in het Engels.
Auster en Roth, sneltreinromans, boeken die je in één ruk uitleest. Persoonlijk hou ik van boeken die me niet dwingen om ze in één ruk uit te lezen. Over La Vie Mode d'Emploi heb ik een jaar gedaan, de drie delen van Der Mann ohne Eigenschaften twee jaar, ook Snijders en Voskuil gaan met mondjesmaat. Het zijn boeken die deel uitmaken van het weefsel van een traag verteringsproces.

solden
Het lidmaatschap staat in de solden. Vanaf 1 januari wordt het verhoogd tot 30 euro.
Wie voor 1 januari 2010 steunend lid wordt van croxhapox vzw betaalt 25 euro.

tire-bouchon
La femme tire-bouchon, titel van de thesis van Oana. Over onder andere Nan Goldin en Sophie Calle. De titel heeft ze zelf bedacht. Als ik het goed heb, is 't de titel van een tekening.
Doelstelling op zondag: de grammaticale onzuiverheden uit de tekst halen.
In de hall is het lekker warm. Marc De Clercq meert aan, Bart Maris is van de partij, Sjoerd net op tijd om het begin van de derde uitvoering van 't Zwartetafeltjeconcert niet te missen.

verkoudheid
Alles gaat trager. Heet water en vers citroensap drinken, echinacea en etcetera. Uitzweten. The Book of Illusions leest lekker vlot. Het zich zelfstandig voortbewegen van linker- en rechterbeen, rugpijn. Rekken en plooien van spiermassa's.
De ongemakken verplaatsen zich. 's Nachts een pijnlijke druk ter hoogte van de schouderbladen. Eerder op de dag, rond het middaguur, had ik het gevoel uit twee helften te bestaan. Momenten van grote moeheid wisselen af met plotse opflakkeringen van energie. 's Nachts zweet ik als een zwijn.

Ward
introduceert Sleepy Alkaloid van Bram Langmans.

donderdag 12 november 2009

donderdag 12 november

Nu bijna een jaar geleden reed ik naar Lissabon. Ik reed Lissabon binnen via een brug over de Rhône. We gaan hier niet over polemiseren: ik reed Lissabon binnen via een brug over de Rhône, waarna ik in de buurt van Nîmes belandde, het stadje Agde aandeed, waar het bitter koud was wat gezien de tijd van het jaar, nu bijna een jaar geleden, aan de Côte d'Azur niet ongebruikelijk is. Later belandde ik in de buurt van Perpignan op een parking waar ze een Spaans stadje nagebouwd hebben. Dertig kilometer zuidwaarts was daar niets van te merken. Omdat ik m'n laptop en een pasgekochte reflexcamera bij had, vermeed ik Barcelona. Veel mensen houden van Barcelona, ze nemen het vliegtuig, een vlucht die amper twee uur duurt, ze lopen er wat rond, flaneren op de Ramblas, kopen spullen in exact hetzelfde soort winkels die ze in Brussel, Luik of Antwerpen hebben, belanden op het verkeerde terras, in de verkeerde straat, op het verkeerde plein, in het verkeerde restaurant waar ze de verkeerde schotel bestellen, de paëlla om de hoek is stukken beter maar de keet van Pepe ziet er niet uit dus aan die plek lopen ze voorbij. Op de parking van een estacion ten zuiden van Barcelona, estacion Penedés, worden de camera en de laptop gestolen. Ik betrap de dief, een snob met een blauwe BMW, iemand in het parasitaire weefsel van het kapitaal-inferno, heb op het moment dat ik de schavuit betrap niet door dat hij een professioneel engagement heeft met m'n laptop. Het is een prachtige dag. Witte namaakdorpjes staan wit blinkend op de dorre heuvelruggen.
Zo rij ik Lissabon binnen, over Penedés, over Tarragona, over stadjes daar in de buurt van Tarragona, over de rijstplantages van de Ebro-delta, via de kustlijn, over Valencia en Murcia, in de buurt van Murcia overnacht ik op een strand, dan gaat het via Cabo del gata, het meest zuidoostelijke punt, het is Kerstmis, ik rij tussen bergtoppen door in valleien met reusachtige plantages, dineer in restaurants waar geen weldenkend mens ooit een voet zou wagen, over een rug van het woeste en dorre binnenland. In Màlaga, het is kerstavond, er valt geen zak te beleven, overnacht ik in een driesterrenhotel vlakbij een keet waar ik nog als barman gewerkt heb. De volgende dag rij ik Portugal binnen.
Die brug over de Rhône is overal, ook hier, waar Spanje ophoudt.

woensdag 11 november 2009

woensdag 11 november

1.

blanquette de Limoux brut, cuvée grand prix.
Hapjes.
Melba toast met shitakepâté, paprikasnippers, gedroogde tomaat, rozijn, olijfjes,

Van Ryssen is met de fiets,
Coene werkt aan de salade en tokkelt op een guitalele.
De ukelele hangt boven de schedel van schrijver dezes. (de ukelele van)

de salade. Een verzameling van artsijokken, rucola, avocado, olijfjes, tomaat en mozarella, afgewerkt met pijnboompitten, olijfolie, balsamico,

Het gesprek komt op de Quincy.


2.

Van Ryssen merkt de ukelele op, daar: aan de muur: daar: boven het schedeldak van schrijver dezes: daar.
Coene merkt op dat de stemming van de ukelele op my dog has fleas gaat, (zingt): my dog has fleas.
Hij haalt de guitalele van stal, tokkelt.
Van Ryssen merkt de fototoestellen op, daar: in de vitrinekast: daar: tussen honderddrieënvijftig boeken: daar: in de vitrinekast.
'Verzamelt gij oude fototoestellen?' vraagt hij, stomverbaasd.
Goh, dat staat daar zomaar, grapt Frips. Wat iedereen weet: Coene verzamelt oude fototoestellen.

Wat schrijver dezes niet in z'n bibliotheek heeft: een bijbel. Bestuurslid Van Ryssen heeft niet alleen een editie van de bijbel, ook de koran en nog wat vergelijkbare teksten, volumes die hij van a tot z las.
Wat schrijver dezes wel in z'n bibliotheek heeft: de Nag Hammadi library. De apocriefe geschriften.
Het gaat om de eerste editie van die dodezeerollen, in het Engels, een uitgave van Boston University Press, 1983. In wetenschappelijke kringen wordt aangenomen dat dit een tot op het bot uitgeklede versie van de oorspronkelijke bijbel is, of delen daarvan. De bijbel zelf is zo vaak herschreven, de teksten die er deel van uitmaken net zo vaak al of niet opzettelijk fout geïnterpreteerd, falsificaties, dat het geen zin heeft om er op andere manier rekening mee te houden. Alleen als we de leegte kennen, de oorsprong van wat om die of andere reden in betekenis veranderde, dan, alleen dan, hebben we weet van de dingen die we weten. In elk ander geval houden we ons bezig met de obscure tradities van een vervalsing.

3.

Het gesprek, bevloeid met een Vacqueras 2008, komt op het gebrek aan inhoudelijke cultuur.
De hoofdschotel komt op tafel, een gratin campo santo van macaroni met tomaat, Parijse champignons, seitan, Conté-kaas en dille.
Van Ryssen herinnert zich hoe het er in z'n jeugd aan toeging: elke donderdag aardappelpuree met spinazie en een ei, op vrijdag kabeljauw, op maandag worst, op dinsdag kotelet, op woensdag gehaktballen of fricandon en op zaterdag af en toe een biefstuk. Eetgewoontes.

4.

Een reutel peper,
het vleugje harissa.

En het gesprek over de hoofdschotel,
een algemeen gebrek aan inhoudelijke cultuur.

dinsdag 10 november 2009

dinsdag 10 november

een familie Sam, de papa van Sam, de mama van Sam en Kikky de kikker.
Sam, blonde krullen, een meisje, drie jaar oud, speelt educatief met kaarten: stapeltje zwart, stapeltje rood, en een stapel meneertjes.
Kikky de kikker dommelt. Of is depressief. Is in slaap gevallen naast het bierglas. Of is 't een wijnglas. Schuddebolde, ging voorover leunen, liet z'n kop hangen, begon door te zakken. Kik, dat is niet flink van Kik.

een formulier Aan de balie van het S.M.A.K., waar vandaag de tweede dag plaatsvindt van de opnames voor de Gentse Kunstweek, krijg ik een formulier voorgeschoteld. Ik heb er niet alleen mijn naam, telefoonnummer en adres in te vullen, zaken die ik eerder al wel eens prijsgaf, maar ook mijn bloedgroep, de identiteit van mijn huisarts en een aantal voorkeuren, televisie: literatuur: muziek: beeldende kunst: architectuur, wat mijn grootste passie is, wat mijn grootste liefde is, wat mijn grootste blunder is, wat mijn grootste wens is, wat mijn grootste kracht is, enzovoort.
Twee dagen lang worden directeuren, galeristen, intendanten, docenten en ook nietsnutten als ik elk gedurende plusminus een kwartier geïnterviewd, we mogen het over het voor ons belangrijkste voorwerp hebben en hebben het hallucinante voorrecht om onze liefdes en passies en blunders tot de format van 1 enkele uitspraak te beperken. Ik neem het document door, besef dat ik er niets mee aan kan, vul het in. Het is een vulgariteit, net zo vulgair als alles tegenwoordig.

lectuur
La forme d'une ville change plus vite, hélas, que le coeur des humains, Jacques Roubaud, de Gallimard editie uit 1999, eigenlijk gaat 't om een herdruk achevé d'imprimer sur les presses de l'imprimerie Bussière à Saint-Amand (Cher), bladzijde 63-64:

Un couple uni

Rue Rambuteau
dimanche
à onze heures

il et elle
elle et lui
de conserve

trempent leurs semelles dans le caniveau
où s'écoulent
les eaux de la poissonnerie

puis
avec application
les frottent
contre le bord aigu du trottoir

ils se sont pris le pied dans un merde infâme

tiens
me dis-je
voilà un couple uni

hélas!
ce n'était pas la même
ils ont fait merde à part

De vertaling van Jan H. Mysjkin, De vorm van een stad verandert, Etcetera (in 2002 uitgegeven door Wagner & Van Santen), is zeer onvolledig: van de meer dan honderd gedichten, plusminus 150 schat ik, heeft Mysjkin er amper een 30-tal vertaald.

Van Une rue - in de oorspronkelijke editie bladzijde 129: Le jour s'est présenté là / là / la lumière vient / revient / s'en va / où le jour s'était présente / là - maakt Mysjkin: De dag deed zich daar / voor / het licht komt / komt weer / gaat weg / waar de dag zich daar had voor / gedaan. En ik lees: De dag heeft zich daar getoond / daar / het licht komt / opnieuw / gaat / waar de dag zich getoond had / daar, waar ik persoonlijk waar zich een dag heeft getoond van gemaakt zou hebben.

mijn grootste

mijn grootste liefde: passie
mijn grootste passie: liefde
mijn grootste blunder: kracht
mijn grootste kracht: blunders
mijn grootste wens: dit formulier niet invullen
mijn grootste verwezenlijking: het invullen van dit formulier

vandaag Vandaag hebben ze pastinaaksoep en kippebil met cajun, broccoli en bulgur.

maandag 9 november 2009

maandag 9 november

Een rode lampion en het verbodsteken.
Bezoekers stappen tussen de woorden door.
Goudvissen.
Het flesje soyasaus, anoniem. Een tafellichtje, de kamerplant.
Sanseveria's en kroepoek. Chinoiserieën.
Een foto van Ocean City, namaakorchideeën.
Hong Kong.
Is het Hong Kong?
Hong Kong.
Dat is Hong Kong. Megapool.
Puist.
Een climax van vulgariteit.

zondag 8 november 2009

zondag 8 november

Ann Ann, Peter en Sem.

Piet Poëtische ruimte. Een open en vrije ruimte. Niet vastzitten aan bepaalde betekenissen = de reductionist die alles reduceert tot materie en energie. 10 miljard neurocellen. Machtsfilosofen. Posities als zandkastelen. God is dood maar de religieuze reflex is alomtegenwoordig. Negatieve theologie: entropie is de wet dat alle systemen evolueren naar chaos, wanorde, de minste weerstand. Interpretatieve samenhang. Niet vastzitten aan 1 betekenis. Avantgardes kregen altijd de wind van voren. In de negentiende eeuw is er Courbet. Het verlangen naar onbenoembaarheid. Religie is de makkelijkste en primitiefste weg. 1 is het vrijheidsstreven. Het streven op zich. Iets maken, iets begrijpen. Conatiek. 2 is het zintuigelijke, de roes, het genot, het genieten van de vorm, het genieten van kleur, geur, geluid. Sensorisch. 3 is het imaginaire, het verlangen naar harmonie, het verlangen naar rust, naar niet-zijn. Foetale reflex. De intrede van taal, de afstand tussen het object en het woord, tussen het kind en de moederfiguur, wat voor harmonie staat, en de vaderfiguur, de wetten. Vormen van gemis. 4 De spiegelneuronen. Hoe affecties en cognitieve processen meespelen in het artistieke discours. Conclusie: de poëtische ruimte is die van de kunstenaar. Vanuit zijn/haar positie probeert hij de codes te veranderen. Het machtsvertoon: de navolging, de verplettering.

Ruben
over DM cultuur: Daar is Eric Rinckhout weer met zijn gezeik over veilingen en aanverwante stommiteiten.

zaterdag 7 november 2009

zaterdag 7 november

zaterdag 7 november

Beckers De muziekmachine: een loop-station. Manipuleert dat met z'n voeten. Eerst improvisatie, dan de Rooskenssuite, een driestemmige inventie voor gitaar, om weer te eindigen met improvisatie.
les outils Een liposuctienaald. Een vingerhoedje. Het metalen borsteltje. Een computeronderdeeltje. Ijscoupes. Elke ijscoupe heeft een ander geluid, andere boventonen, andere microtonen. De gitaar, een klassieke CAREER, soort gypsy-model. Drumstokken. Een plamuurmes. Een stuk gaas en een stukje haar. Het karton? Het karton is voor de stoelpoten. Een rasp. Het handvat van een oud handboortje. Tandartspeutermateriaal. Gerief om klei te moduleren. Een paletmesje. De zaag. Een vijl. Schroefdraad. Een stukje koper. En dit alles in een houten box waar een fles wijn of misschien een fles champagne of een fles porto in zat.

Dag Allemaal
'Wat ik schrijf maakt niet uit, als ik maar lezers heb.' Quote van Beyers toen ze nog voor Joepie werkte.
Laten we het niet over het niveau van Dag Allemaal hebben maar over de cijfers, dat spaart energie.
De cijfers: een genocide met wekelijks maar liefst vierhonderdduizend slachtoffers.

eerste zin van The Rum Diary. "In the early Fifties, when San Juan first became a tourist town, an ex-jockey named Al Arbonito built a bar in the patio behind his house in Calle O'Leary." >Oryza

feitelijkheden
Frank en Robbert zijn bezig in de grote zaal. Frips heeft een roodborstje gered. Marc komt aanstappen in de corridor. Leus is in rue Zenne en heeft het warm. De vloer is geschrobd. We laden in, rijden naar het containerpark. De lift van het Poëziecentrum doet het niet. Een vertaling van La forme d'une ville change plus vite, hélas, que le coeur des humains van Jacques Roubaud. Bladzijde 43: ik had / bij deze specifieke gelegenheid / foutief noch correct / kunnen denken. We rijden naar het woonerf. We laden de lege bierbakken. Ik rij naar Wladiwostok. In Kassel neuk ik een vrouw uit Oekraïne, in het Oeralgebergte tem ik twaalf dorpsbewoners en iemand die Chlebnikov waardeert, ik krijg met een functionaris van de universiteit van Jekatarinaburg te maken, de doden zijn geteld,

het débacle Iemand over de teloorgang van De Morgen: een halve pagina over de dood van Levi-Strauss en wat ze over Levi-Strauss te vertellen hebben? Nul de botten.
Over de veilingen die het opeens weer goed zouden doen een volle pagina.
Zou Rinckhout werkelijk niets beter te doen hebben?

iemand Iemand zegt: 'Frank en Robbert hebben de ruimte naar hun hand gezet, hebben dat zeer goed gedaan.'
Van Ryssen is terug uit Nederland en glundert. Wat hij daar in Nederland gedaan heeft: hij heeft een boek gekocht.
Bertine en Gerda, de mama's van Frank en Robbert. Robbert over die brandende tuin van Frank: 't zal meer een schroeiplek geweest zijn.
Oryza bestelt een Orval.

Oryza
Lee, de beminnelijke echtgenote van Roel Jacobs, leest een boek over Chinese zegswijzen, Oryza The Rum Diary van Hunter Thompson.
Van Ryssen over Hunter Thompson: een gast die zichzelf zat gezopen en plat gespoten heeft. Jaren '70, de generatie na de beat poets. Was rockjournalist voor Rolling Stone en introduceerde Gonzo journalism.

Schaarbeek
Ik kom van Antwerpen. 20 dozen van Over Vorm van Hans Theys geleverd bij het distributiehuis. In het Brusselse gewest is een trage verkeerscirculatie. Via de Leuvense steenweg gaat het naar Sint-Joost-den-Node en de Verbiststraat. In de Zennestraat pik ik wat materiaal op.

vrijdag 6 november 2009

donderdag 5 november

actuele kunst Verzinsel. Er is geen actuele kunst. Wat er wel is: kunstenaars, een attitude, bezigheden, een publiek, handelingen, bekommernissen.


afstand Rijden. In een file belanden. Remmen. Een half uur nodig hebben om zich van punt A naar punt B te begeven, een afstand die je in dat geval net zo goed te voet kan doen. Regen zeikt over het wegdek. Het wegdek ligt open. Wie coördineert die wegenwerken? Niemand. Wat ze wel coördineren, dat is bekend. Iets na afspraak draai ik het woonerf op. Marc oppikken, we laden in, het regent, in de grote zaal Frank en Robbert. Tim en Maarten zijn bezig in de andere zaal. We rijden richting Brussel. Geen file, de altijd blije berkjes staan er treurig bij. We rijden in één ruk tot rue Zenne, staan voor een gesloten deur, stappen naar Q-O2, staan voor een gesloten deur, rijden naar Passaporta in de Dansaertstraat. Een wolkbreuk jaagt over het wegdek.

apollinisch
evenwichtig, beheerst, harmonieus > mannelijke schoonheid, evenwicht (Van Dale blz. 216) versus dionysisch door vervoering bewogen, syn. uitbundig. De diplococcus, blz. 787, plaatst zich buiten bovenvermelde, dialectische overweging aangezien zij van nature tot de familie van de Micrococcaceae behoort en uit paarsgewijs gerangschikte kokken bestaat die geen hersenhelften bevatten.
Om de vraag die Ruth Loos aan Hans Theys stelt in z'n volledigheid te begrijpen kan het overigens geen kwaad om tot de familie der Micrococcaceae te behoren.

Hans Theys ziet in de vele uitingen van kunstpraktijk geen onderscheid tussen apollonisch en dionysisch. dionysische harmonie, apollinische extase
Van de diplococcus sapiens weten we dat hij/zij zich voedt met televisie en aanverwanten.

Inhoud, vorm, Nietzsche zag dat onderscheid niet. Nuance: de jonge Nietzsche had het wel, de latere Nietzsche had het niet over dat onderscheid. >vorm

Waar het om gaat is dat het maken van kunst zonder verklaring is. De vorm zegt alles. Zonder vorm is er geen inhoud.
Van Celan en Van Ostaijen hoor je de gedichten niet op een andere manier te begrijpen.

Blanchot
Theys zegt dat Blanchot zei dat poëzie hem aan de dood deed denken. Envoie Taal - en het denken over taal - introduceert de dood.

boekvoorstelling
Product: Over Vorm van Hans Theys, crox-boek NR. 14. Locatie: Passaporta, Brussel. Tijdstip: 20u. 70 aanwezigen.

cavia
De bekentenissen van een vegetariër. Hij is van huis uit vleeseter, stamt uit een familie van slagers en beenhouwers. Bij hem thuis aten ze alles, bloedworst, vinken zonder kop, koeientong, niertjes, maag, ingewanden. Ingewanden, daar was hij zot op. In Griekenland kauwde hij op stierenkloten, in Ecuador op een cavia.
We zitten in Fin de siècle. 't Is vroeg op de avond, de keuken is nog niet open. Hij bestelt de Tagliatelli aux légumes, ik L'agneau à l'Iraniènne, wat we bevloeien met een blonde Saint-Feuillen.

eerst 'Kunstwerken zijn dingen die dingen voor het eerst zichtbaar maken. De wereld verandert. De ervaringen veranderen.'

Hamlet-entropie
Schilderen met stront. In een berg springen. In een berg ondergoed, in een berg uitwerpselen, in een berg waarin het woord potloodpunt voorkomt.
Hans Theys legt uit wat het woord entropie betekent, legt uit hoe je door het gebruik van een ander, simpeler woord opeens wel weet waarover het gaat. De actuele kunst, of wat daar voor doorgaat, lijdt aan Hamlet-entropie. De duisternis van een universitair taalgebruik. Theys: 'Niemand is met Hamlet bezig. Niemand met Johan De Wilde, niemand met Luc Deleu, niemand met Panamarenko, niemand met spiritualiteit. Waar het dan wel om gaat? Kopen, verkopen, commercie. Nooit, nooit komt er eens iemand aan bod die zegt foert met die Mexicaanse griep, we gaan het over Hamlet hebben.'

Het rationele discours: discursief, verklaarbaar.
Taalcontrole? Beeldende kunst is een terrein zonder taalcontrole. Taalcontrole is niet van toepassing.

Hamletkauwen 'Iemand over Hamlet vertellen wat wij nog niet weten? Iets dat ze zelf uitgedokterd hebben?' (zou iemand)
Theys: dat vorm attitude is, geen rationele relatie. Ervaring is niet overdraagbaar.

'Er is niemand met kunst bezig. Het is niet nodig om met kunst bezig te zijn. Ik vind het zelfs ziekelijk. Mensen zijn bezig met auto's kopen en televisie.'

heden 'De kunstenaar en de wetenschapper leven in het heden. Alle anderen leven in verleden tijd. De kunstenaar, hij is de enige die in het heden leeft. Al de anderen: veel te laat.'

iemand
Quelqu'un sur Bovary: Flaubert voulait écrire un livre sur rien. Deux fois rien.

Theys over Kafka: on ne connait rien de Kafka quand on lit Kafka. En toch is het Kafka. Moi je ne comprends pas comment quelqu'un peu faire semblant de n'être pas là.

inborst
>cavia

krant
Theys: 'Nooit, maar nog nooit in een krant iets gelezen dat mij wat bijbracht. 't Is altijd een soort namaakding. Dat de pers zou berichten over kunst? Nooit 1 zin in een krant gelezen die iets met Panamarenko te maken had. Nooit iets wezenlijks. Als iemand hesp rond een pilaar draait, ja, dan wel. 't Is griezelig. Als je iets over een onderwerp weet en je leest daarover in de pers, dat is griezelig.' >hamlet-entropie

krottig
Een krottig schilderij. Hans Theys over die krottigheid: het gaat om de richting van de toets.
Richting, plaats.

liefde
(Theys) 1. Bart Lodewijks en Annelouk staan aan het meer in de Blaarmeersen. Het is winter. Bart wil schaatsen. Hij mag er niet op, het ijs is te dun, het is zoveel centimeter en het moet zoveel centimeter zijn, dus hij mag er niet op, het ijs is te dun. Bart gaat er toch op, met Annelouk, ze stappen naar het midden van het meer. Midden het meer plast Lodewijks op het ijs.
2. Doen is nalaten iets te doen. Blijven zitten, niets zeggen. Liefde is: durven niets doen. Geen kritiek uiten, geen betutteling, niets veranderen. Omarmen, toelaten. Niets doen is ontzettend moeilijk.
Vanuit dat niets 1 klein ding doen. Liefst niet te veel. 1 ding. 1 klein ding toevoegen aan de wereld.

Wat Panamarenko hierover zei: 'Iedereen zit altijd te wieteren.' Volgt een anekdote over iemand die gedurende drie jaar een kerkpoort restaureerde.

Merkx
Rookt Pall Mall. Blauwe aansteker, zwarte sportschoenen. Bril, sjaal, mondbescherming. Is bezig met het vloerplan. Robbert is er niet.
Merkx is met de nagelschieter bezig, bouwt een houten structuur met een hoogte van circa 2 meter.

Mexicaanse griep
(Theys over de griepepidemie) Tot op heden is één sterfgeval bekend, een Mexicaan en wat we van die Mexicaan weten is dat hij dood is. Al het overige is verzonnen.

Passaporta >boekvoorstelling

Q-O2 Het regent. We gaan langs bij Q-O2. Q-O2 is dicht. Een wolkbreuk pegelt over het straatdek.

ratio
1. Als ge 't uitlegt is 't naar de botten. 2. Dat we vormen nodig hebben om dingen te begrijpen.
Vorm om het ding te begrijpen.

ratrace
Iemand over de ratrace van de actuele kunst. Het inhoudelijk failliet. Economische belangen hebben het discours verpletterd. Iedereen wordt een rad voor de ogen gedraaid. Lui als Fabre, Delvoye, Tuymans en Hirsch hebben niets te vertellen.

uitstallen
Il faut se situer. On range les artistes. Ridicule. Ranger les artistes, c'est ridicule.

verzameling
Guy Rombouts verzamelt wat van glas is en massief. De Lepeleire verzamelt draad en garen.

Er zijn niet zoveel dingen in de wereld: 'Glazen voorwerpen, messen, bollen, bolletjes touw, eigenlijk niet zoveel.'

Voor Walter Swennen is het mooiste schilderij een gerepareerde muur.

vorm
= roes

waarom
De academici. Ze zijn er zelf niet uit, vragen zich af waarom.

woensdag 4 november 2009

woensdag 4 november

In de Kasteellaan een korte visite bij Mie, afgestudeerd aan het Kask in de sector Textiel. Intussen is ze vooral bezig met fotografie.
Om de hoek vindt de wedersamenstelling plaats van een steekpartij.

Frank Merkx vertelt straffe verhalen. Het verhaal van de brandende tuin. Als tiener al was hij gefascineerd door het werk van Jackson Pollock. Op een keer ging hij in de tuin met ammoniak en zoutzuur aan de slag. Op het gazon kwam een groot doek waar hij een hoeveelheid verf en liters ammoniak en zoutzuur over uitkieperde. Door de verbinding van ammoniak en zoutzuur ontstaat het giftige en ontvlambare chloorgas. Naast het doek bevond zich een bunzenbrander. Gefascineerd staarde hij naar de rookontwikkeling. De grijze damp, die wat van een pasta had, bereikte de plek waar zich de bunzenbrander bevond. WHAM, alles in de fik. Uiteindelijk heeft hij er toch een 14 tot 15 schilderijtjes uitgehaald. Van zijn vader kreeg hij te horen dat het grootheidswaanzin was om zich met zo'n experimenten bezig te houden en dat hij ontgoocheld was, zwaar ontgoocheld. De buren waren aan het aperitieven geweest en kwamen niet bij van het lachen. Later hebben ze de plek omgespit en er een vijvertje aangelegd.
Het verhaal van de kelder die onder water kwam te staan. Als tiener al was hij gefascineerd door het werk van Jackson Pollock. Op een keer ging hij in de kelder aan de slag. Hij bedekte de kelderbodem met a4tjes waarop hij olielak had aangebracht en zette de kelder onder water. Vier centimeter water, meer niet. Met dit experiment wilde hij nagaan hoe de olielak, na het laten leeglopen van de kelder, zich aan het papier zou hechten. Wat hij over het hoofd zag, was dat er in één van de hoeken, vlakbij de vloer, een stopcontact zat. WHAM, algehele kortsluiting plus zekeringkast kapot. Hij had gelukkig rubberlaarzen aan gehad. Later ontdekte hij dat de kortsluiting voor een interessant verfpatroon had gezorgd. Zijn vader moest er redelijk hard om lachen. Hij zei, bekent Merkx, dat ik een oen was.
Een maand eerder was hij in Engeland opgepakt voor verboden wapenbezit. Omdattie een waterpistool bij had.

dinsdag 3 november 2009

dinsdag 3 november

China Roel Jacobs over China. Al in 1989 was 't hem opgevallen: de mensen zijn er direct, open, spontaan, hebben geen schrik om zogenaamd verkeerde dingen te zeggen. Alleen als ze met uniformen te maken hebben, zijn ze wat rustiger.
Ook hebben ze een enorme controle van zichzelf, zelfs als ze zich in een ongestructureerde, niet te vatten, chaotisch door elkaar wriemelende massa bevinden.
Je ziet ook zo weinig politie.

Europalia China 2009 is een bijzonder clichématige benadering van China.

Xian is vlakbij het terracotta-leger.
Nanjing heeft een prachtig station. Alle spoor- en invalswegen bevinden zich onder het station. Het stationsplein zelf reikt tot aan de rivier. Als je het afwandelt, kan je in de rivier stappen.

De toiletgebruiken in de grote steden zijn luxueus. Alle appartementen en hotelkamers hebben een badkamer, moderne toiletten, douches.

Roel maakt een vergelijking met Egypte. Op de ansichtkaarten is het er altijd zonnig terwijl het in Egypte net zo goed mistig kan zijn en regen hebben ze er ook. Ansichtkaarten vertellen een fout verhaal.

Xian. Zeer groot. Een universiteitsstad. Xian is een van de oudste steden.

Darras, Jacques
Moi, j'aime la Belgique! Edition l'arbalète Gallimard, page 24
Ma première Meuse, j'en tremble encore.

Tout passe d'abord par le regard.

Ensuite vient la voix.

Vivre c'est rejoindre le regard de l'enfance par la voix.

Dire le regard.

Dire la Meuse vue, je n'aurai vécu que pour dire la première Meuse.

late voormiddag De Vlaamse Kaai ligt open. Ik rij om via de Visserij. Het regent. Op het dashboard is er een ikoontje dat aangeeft dat de auto binnen moet voor onderhoud. Ik parkeer op het woonerf en bots in de corridor op Marc en de mensen van Circa. Roel is er niet. Een ogenblik na deze vaststelling, wat niet tot conclusies noopt, hoor ik de beltoon van m'n gsm: in het keukentje, aan de leiband van z'n batterij-oplader. 't Is de hoofdredacteur. Hij brengt me op de hoogte van het feit dat hij vanmorgen vroeg naar Parys Printing reed en 252 exemplaren van Over Vorm van Hans Theys mee huiswaarts nam. 252 exemplaren, dat kon net in z'n auto. Crox-boek NR 14 weegt een kilo 't stuk.
Ik weet wat me te doen staat, spring in de auto en rij naar Evergem. Aan de scheepswerf is er politiecontrole op rijrichting Gent.

Luikse bouletten
De echte Luikse bouletten, verneem ik, heb je bij Lequet, vlakbij de universiteit.
Mamac: personne ne le connait.
Lequet: tout le monde le connait.

Michel
Demonteren en inpakken van de monitoren. Het inladen is paswerk. Roel, Gerd en Maarten zijn in de corridor bezig. We drinken koffie. Marc komt van de Colruyt in Sint-Amandsberg. Een Atlantische storing waait over het woonerf. Voor ik met de gehuurde spullen richting Kapiteinstraat rij, gaan we langs in 't Gouden Hoofd. Op de dagkaart hebben ze varkenskotelet in champignonsaus met krieltjes en witloof. Colette gaat voor het witloof in hamrolletjes, Michel voor de lams chili. Roel, die er wat later bij komt zitten, stelt zich tevreden met de croque monsieur.

ochtend
Een rustige ochtend. De gsm is nergens te bespeuren. Zalig. Niemand spoort me aan tot stappen die ik niet nemen wil, niemand herinnert me aan afspraken waarvan ik niet eens zeker weet of ik ze vergeten was. Nog beter: niemand veegt me de mantel uit, niemand zaagt me de benen van het hoofd. Geen slimmerik die me op de hoogte brengt van het feit dattie m'n gsm in de crox-bar signaleerde waar het ding al wel minstens twintig keer gerinkeld heeft. Nee hoor, daar trap ik niet in. Tenzij ze hoogst persoonlijk afzakken naar mijn residentiële verblijf, er in slagen om over het met prikkeldraad beveiligde muurtje te klauteren, niet door de als betegeling vermomde rotte bekisting van de beerput zakken, als ze de ontmoeting met enkele huisdieren overleven, waarvan die met Anaconda het Pekineesje ongetwijfeld de hachelijkste is, als ze niet op het tegeltje trappen waardoor ze achterwaarts in de vijver met piranhas gekatapulteerd worden, als ze de op theorie gestelde bouvier die normaal gesproken aan de ketting ligt weten te ontwijken, als ze deze en nog wat andere gevaren heelhuids doorkomen, zullen ze gauw inzien dat 't vergeefse moeite was: ik heb niets te vertellen.