Het kind heeft een rode jurk en speelt met keitjes. Op de tuintafel is een keur aan hapjes. Het is avond, geen avond met de stoffige zwoelheid van een zomeravond, in de atmosfeer is een vochtige toon. Het duurt even voor ik plaats neem. In de keuken staat iemand over een kookpot gebogen. Het kind graait met beide handen in de keitjes en werpt ze op een van de treden naar de doorgang. Dat doet ze nog een keer en daarna nog een keer.
Het is een van die avonden waarop een steilte in de bladeren hangt. Een van de zwartgevlekte katjes duikt weg onder de tuintafel. Ze hebben er nog vijf bovenop gekregen, verneem ik. In de tuin is geen weerbericht.
Het kind raapt de keitjes, werpt.
vrijdag 5 augustus 2011
he
Soms maak ik een ommetje. Ik zit niet de hele tijd voor de computer. Soms ga ik met m'n luie gat in de zetel liggen. He.
Op de poef liggen twintig doosjes met werk van Hitchcock, North by Northwest bovenop, en een boek van en over Bunuel. Ik kijk naar de cover van het boek. Het boek is een plant, groeit, takken en zijtakken komen er aan vast te zitten, het groeit, zonder dat de identiteit van het boek verandert. Dingen in de ruimte hechten zich aan het boek, parasitair. Ik lig languit op de sofa, staar naar het plafond. Een ogenblik later spring ik overeind, betreed het tuintje. He. De boterbonen doen het goed.
In de tuin is er specifiek één plek waar ik graag vertoef, een appelaar, niet zo groot en omvangrijk dat ik in de schaduw zou kunnen gaan liggen, met appels die twee aan twee hangen, dicht tegen elkaar aan, en aan de voet van de appelaar lavendel en oostindische kers, grassen en wilde aardbei hebben het areaal veroverd. De vijgelaar is groot geworden, steekt boven de appelaar uit.
Op de poef liggen twintig doosjes met werk van Hitchcock, North by Northwest bovenop, en een boek van en over Bunuel. Ik kijk naar de cover van het boek. Het boek is een plant, groeit, takken en zijtakken komen er aan vast te zitten, het groeit, zonder dat de identiteit van het boek verandert. Dingen in de ruimte hechten zich aan het boek, parasitair. Ik lig languit op de sofa, staar naar het plafond. Een ogenblik later spring ik overeind, betreed het tuintje. He. De boterbonen doen het goed.
In de tuin is er specifiek één plek waar ik graag vertoef, een appelaar, niet zo groot en omvangrijk dat ik in de schaduw zou kunnen gaan liggen, met appels die twee aan twee hangen, dicht tegen elkaar aan, en aan de voet van de appelaar lavendel en oostindische kers, grassen en wilde aardbei hebben het areaal veroverd. De vijgelaar is groot geworden, steekt boven de appelaar uit.
donderdag 4 augustus 2011
stats
Ik duik in de stats. Elke blog heeft een reservoir met statistieken. Daar neem ik soms, heel af en toe, wat tijd voor, zonder breivikblik, andere bijzonderheden dan trefwoord, bezoekersaantallen en hoe weinig tijd het neemt om te lezen wat ik schrijf, kom ik toch niet te weten. Bij Query zit dit keer verpleegsters/nonnen bovenin. Iemand heeft dat ingebracht: verpleegsters, nonnen, en kwam in 2010 terecht. Op 9 maart 2010 zou ik het daarover gehad hebben. Laura vana van staat op 2. Ook deze query linkt aan een tekst uit 2010, waar ik me intussen niet zo heel erg veel bij voorstellen kan. Strijkparels voorbeelden gaat langer mee. Wat ik me daar bij voorstellen moet, weet ik niet. In de zoekfunctie duikt het vaker op, strijkparels voorbeelden. Ik heb geen idee wat ze bedoelen. Als ik het wist, schreef ik er een stukje over, alles over strijkparels wat je niet in deze blog wist aan te treffen. De vierde query is verdacht, niet omdat er foto's van sexy meisjes staat, dat soort foto's is bekend en is ook altijd min of meer van eenzelfde soort, maar omdat er Voeg een reactie of plaats een commentaar staat. Ik ben dol op sexy meisjes, daar gaat het niet om, en, trouwens, dat weet iedereen, maar als puntje bij paaltje komt heb ik er weinig aan. Toch is deze query niet helemaal overbodig, dat besef ik net zo goed. Het volgende item is Ben Ter Elst en Studio Skoop en daarop volgen Duralex nummers en Alain Salzer Levi. Met Alain Salzer Levi gaat geen lichtje branden, met Duralex evenmin, ik denk aan lattestores en durex, kom niet tot een besluit, waarmee ik niet bedoel dat het me onberoerd laat. Dat is ook wat telkens opnieuw gebeurt als ik de stats doorneem, het dwingt me om na te denken over dingen in een volgorde die telkens weer zo verrassend is dat ik er een boek over had kunnen schrijven. Duralex nummers. En dan Alain Salzer Levi. En dan de cotelette van Ann Van Den Broek. Ze vragen er om. Dat is er om vragen. Het staat er drie keer: cotelette ann van den broek. Zo gaat het, de statistieken zijn onvoorspelbaar. Na Colette is er iemand uit Nieuwland, dan Tim Cleuren en meteen daarop, dieper wegzakkend in de spelonken van de blog, Paul Citroen, Pablo Picasso en, nog dieper wegzakkend, voorbij de Puinstraat waar een keet te huur zou staan, die intussen wellicht opnieuw te huur staat, een peepshow in de Kuiperskaai, op huisnummer 17.
4 augustus
foto. Daar staat ze - na een verblijf van anderhalve maand,eerst in de hall, daarna heel even in de Thomsenruimte, opnieuw
in een hangar in een industriële zone vlakbij Brugge: de vitrinekast.
foto boven.: gisteren
foto midden: vandaag
foto onder: Het wordt een kleurloze acrylvernis. Staat niet op de
foto. Of misschien, toch. Helemaal in de linkerbovenhoek.
foto midden: vandaag
foto onder: Het wordt een kleurloze acrylvernis. Staat niet op de
foto. Of misschien, toch. Helemaal in de linkerbovenhoek.


woensdag 3 augustus 2011
3 augustus
De zomer verdampt in encyclopedie, vertaalwerk, dossier. De sneuljeup en het schaakje zorgen voor een zeldzaam moment van afleiding. Aan de crox-encyclopedie zijn 400 items toegevoegd. Dat heeft het volume verdubbeld. Ook de vertaling naar het Engels, waar Van Ryssen zich mee bezig houdt, kwam op tempo. Ik werk aan het dossier en krijg Sjoerd aan de lijn met de mededeling dat hij een van de documenten niet openen kan. Er is het telefoongesprek met een dame die in Antwerpen woont en de Albaanse nationaliteit zou hebben, wat ze niet zegt en wat ik niet hoor, ze spreekt vloeiend Nederlands, fungeert als tolk. Het gesprek komt op Kosovo en het plan om aan kunstenaars uit die regio een mogelijkheid te bieden om de Vlaamse regio te leren kennen. Dat is ok. Achtergestelde gebieden hebben geen geografische spreiding en het voorschot geen conto.
Huisjesslakken vreten zich een weg naar het hoogste blad van de stokroos, in het kuiltje. In de zaal achterin is Jelle aan de slag. Hij is bezig met het boekenmeubel.
een kannetje met vijf theelepels
de warme stem van radio 1
Yannick die de opnameweek heeft voorbereid
op zaterdag 13 augustus ook nog een concertje
Pools grenen: een bleke fond met rosse en cursieve nerfstructuur
de Dewalt afkortzaag balkjes en reststukken van balkjes
een AIRPRESS compressor en
een losse verzameling voorwerpjes verspreid over de vloer: een plankje, een plak schietnagels, een schroef,
zaagsel,
een balkje met 2 diagonale uiteinden en
een stoel met een zitkussen van zagemeel
een papiertje
een elastiekje
houtsplinters
's Avonds is er een afspraak met Yannick Franck en Phil Maggi. We dineren in Het Gouden Hoofd. Maggi is un copain de Liège, ze zitten in dezelfde branche. Omdat we het over Luik hebben, vraag ik hoe het nu precies zit met die fameuze Luikse bouletten. Dans un restaurant aux boulettes de Liège, verneem ik, il faut des frites fraiches. Hij bedoelt er zijn best veel restaurants waar ze diepvriesfriet serveren. Zijn favoriete plek, pour moi, zegt Yannick, c'est Paris-Brest. C'est devant l'Académie de Beaux arts. L'autre, Lequet, c'est la folklore totale.
Het gesprek komt op Dimitrios Ameliadiotis van Thessaloniki en Paco Ibanez, 'élève et adapteur de Brassens en Espanol'. Hij komt op Ibanez nadat ik, om wat voor reden ook, 'dans le latin, dans le latin, dans le latin' van Brassens op tafel gooi. We hebben het ongetwijfeld over de idioten van het N-VA gehad, het arrogante bakkes van De Wever, bétonné dans le cynisme. We hebben het ongetwijfeld ook over Crates en Hipparchia gehad en Diogène, les cyniques Grecques, post-Socratisch. Crates die, toen ze hem vroegen mais qui êtes vous, zijn tuniek uittrok en zei et voilà c'est moi. Ce n'est pas tout à fait comme les cyniques d'aujourd'hui. En Yannick die de vegetarische lasagne besteld had en zich luidop afvroeg hoe het kwam dat hij soep geserveerd kreeg. Een tel later hebben we het uitgebreid over film waarbij we het er over eens zijn, stel ik vast, dat Cassavetes de absolute top is - al is die top best breed en vlak genoeg om er met honderd tegelijk plaats te nemen, veel van z'n films heeft Cassavetes à l'improviste gemaakt, dat Phil noch Yannick hoog met Hitchcock oplopen, Phil echter geeft gelijk toe dat hij hooguit vier vijf films van Hitchcock zag, Yannick van zijn kant is gek op Truffaut, Léaud wordt bejubeld, Buffet froid van Blier, van Tarkovski verkiest Phil La Sacrifice et Mirroir, waarvan de oorspronkelijke titel Zerkalo is als ik het goed heb, Il vangelo daarentegen, Il vangelo secondo Mateo, we hadden het over Pasolini, vindt hij maar niets, en nadat we het vervolgens ook nog over Fassbinder (zou overleden zijn na een experimentje met fistfucking), Eustache, opnieuw Truffaut, nogmaals Léaud, Bunuel en Godard gehad hebben, komt het op Phil Maggi, waar hij mee bezig is, en Rinus van Alebeek, en leg ik uit dat ze in Vlaanderen best veel bekende vlamingen hebben, intussen wellicht méér bekende dan onbekende vlamingen, en in Wallonië, au contraire, des cons Wallons et rien que ça, waarna Yannick het woord forbo lospeutert, we staan namelijk op het punt om het over Berlusconi te gaan hebben, niet voor het eerst, en het is ook niet de eerste keer dat Yannick begint uit te leggen, terwijl we aan nog een drankje toe zijn, wat ze met forbo bedoelen en dat Berlusconi daar zo'n beetje het prototype van is, mais, en Italie c'est une qualité, être malin, baiser des petites filles, être macho, et non, Yannick le dit en état d'exclamation, j'ai pas dit des petites filles, des adolescentes, waardoor we midden de uitroeptekens belanden en ik me opeens ook de naam van de acteur herinner die met Serrault in Garde à Vue speelt: Lino Ventura, en dat zit gebeiteld, dat ronkt, het gesprek gaat vonken, Ventura, quel phénomène, à table il bouffait, il bouffait, il ne bougait plus, il bouffait, il te regardait comme il voulait te tuer, dat heeft Yannick uit een interview met Bernard Blier, c'est Blier qui disait ça, en Yannick toont voor wat hij zich daar bij voorstelt, bij Ventura die zodra de eerste gang op tafel komt als een gek begint te eten. Dis donc.
Huisjesslakken vreten zich een weg naar het hoogste blad van de stokroos, in het kuiltje. In de zaal achterin is Jelle aan de slag. Hij is bezig met het boekenmeubel.
een kannetje met vijf theelepels
de warme stem van radio 1
Yannick die de opnameweek heeft voorbereid
op zaterdag 13 augustus ook nog een concertje
Pools grenen: een bleke fond met rosse en cursieve nerfstructuur
de Dewalt afkortzaag balkjes en reststukken van balkjes
een AIRPRESS compressor en
een losse verzameling voorwerpjes verspreid over de vloer: een plankje, een plak schietnagels, een schroef,
zaagsel,
een balkje met 2 diagonale uiteinden en
een stoel met een zitkussen van zagemeel
een papiertje
een elastiekje
houtsplinters
's Avonds is er een afspraak met Yannick Franck en Phil Maggi. We dineren in Het Gouden Hoofd. Maggi is un copain de Liège, ze zitten in dezelfde branche. Omdat we het over Luik hebben, vraag ik hoe het nu precies zit met die fameuze Luikse bouletten. Dans un restaurant aux boulettes de Liège, verneem ik, il faut des frites fraiches. Hij bedoelt er zijn best veel restaurants waar ze diepvriesfriet serveren. Zijn favoriete plek, pour moi, zegt Yannick, c'est Paris-Brest. C'est devant l'Académie de Beaux arts. L'autre, Lequet, c'est la folklore totale.
Het gesprek komt op Dimitrios Ameliadiotis van Thessaloniki en Paco Ibanez, 'élève et adapteur de Brassens en Espanol'. Hij komt op Ibanez nadat ik, om wat voor reden ook, 'dans le latin, dans le latin, dans le latin' van Brassens op tafel gooi. We hebben het ongetwijfeld over de idioten van het N-VA gehad, het arrogante bakkes van De Wever, bétonné dans le cynisme. We hebben het ongetwijfeld ook over Crates en Hipparchia gehad en Diogène, les cyniques Grecques, post-Socratisch. Crates die, toen ze hem vroegen mais qui êtes vous, zijn tuniek uittrok en zei et voilà c'est moi. Ce n'est pas tout à fait comme les cyniques d'aujourd'hui. En Yannick die de vegetarische lasagne besteld had en zich luidop afvroeg hoe het kwam dat hij soep geserveerd kreeg. Een tel later hebben we het uitgebreid over film waarbij we het er over eens zijn, stel ik vast, dat Cassavetes de absolute top is - al is die top best breed en vlak genoeg om er met honderd tegelijk plaats te nemen, veel van z'n films heeft Cassavetes à l'improviste gemaakt, dat Phil noch Yannick hoog met Hitchcock oplopen, Phil echter geeft gelijk toe dat hij hooguit vier vijf films van Hitchcock zag, Yannick van zijn kant is gek op Truffaut, Léaud wordt bejubeld, Buffet froid van Blier, van Tarkovski verkiest Phil La Sacrifice et Mirroir, waarvan de oorspronkelijke titel Zerkalo is als ik het goed heb, Il vangelo daarentegen, Il vangelo secondo Mateo, we hadden het over Pasolini, vindt hij maar niets, en nadat we het vervolgens ook nog over Fassbinder (zou overleden zijn na een experimentje met fistfucking), Eustache, opnieuw Truffaut, nogmaals Léaud, Bunuel en Godard gehad hebben, komt het op Phil Maggi, waar hij mee bezig is, en Rinus van Alebeek, en leg ik uit dat ze in Vlaanderen best veel bekende vlamingen hebben, intussen wellicht méér bekende dan onbekende vlamingen, en in Wallonië, au contraire, des cons Wallons et rien que ça, waarna Yannick het woord forbo lospeutert, we staan namelijk op het punt om het over Berlusconi te gaan hebben, niet voor het eerst, en het is ook niet de eerste keer dat Yannick begint uit te leggen, terwijl we aan nog een drankje toe zijn, wat ze met forbo bedoelen en dat Berlusconi daar zo'n beetje het prototype van is, mais, en Italie c'est une qualité, être malin, baiser des petites filles, être macho, et non, Yannick le dit en état d'exclamation, j'ai pas dit des petites filles, des adolescentes, waardoor we midden de uitroeptekens belanden en ik me opeens ook de naam van de acteur herinner die met Serrault in Garde à Vue speelt: Lino Ventura, en dat zit gebeiteld, dat ronkt, het gesprek gaat vonken, Ventura, quel phénomène, à table il bouffait, il bouffait, il ne bougait plus, il bouffait, il te regardait comme il voulait te tuer, dat heeft Yannick uit een interview met Bernard Blier, c'est Blier qui disait ça, en Yannick toont voor wat hij zich daar bij voorstelt, bij Ventura die zodra de eerste gang op tafel komt als een gek begint te eten. Dis donc.
papier trouvé
1
bak papier
wasverzachter
donkere wasproduct
kleine fruitsapjes + grote
cola zero
spaghettisaus
hondeneten
kippewit met kruiden
tomaten
tandenborstels electrisch
yoghurt & platte kaas
hesp
2
lat 40cm
stabilo stiftjes
fijn 0,4 punt 88
geodriehoek plooibaar
-> soepel
passer
-> bloemetje
brood
bak papier
wasverzachter
donkere wasproduct
kleine fruitsapjes + grote
cola zero
spaghettisaus
hondeneten
kippewit met kruiden
tomaten
tandenborstels electrisch
yoghurt & platte kaas
hesp
2
lat 40cm
stabilo stiftjes
fijn 0,4 punt 88
geodriehoek plooibaar
-> soepel
passer
-> bloemetje
brood
dinsdag 2 augustus 2011
2 augustus
De dag begint en eindigt. Niet als gisteren, of was het eergisteren, met het spumante van een rosse gloed op de nabije rotshoogte, die als een huizenrij hoog boven het plotse areaal uittorent, nee, niet als gisteren, toen was ik om een reden, wat geen nader onderzoek vergt, om kwart over vijf wakker geschrokken, personen die vochtig werden en smolten vloeiden uit de kamer weg, figuren die zich even voordien voorbeeldig gedroegen, we hadden champagne gedronken, iemand had het over de sneuljeup gehad, een van de dames had zwijnerig gelachen, het werd krot & compagnie, op een of andere manier, het spektakel keerde zich in tal van acrobatische bochten, ik zat naast iemand, we dronken de godenpis uit gouden schaaltjes, iemand die het over Heidegger had, en toen zat ik opeens naar die rotshoogte te kijken. Het oranje ging net tot de bovenrand van het raamkozijn. Tussen het oranje en de vierhoek van het venster stonden de silhouetten van donkere partijen. Vandaag stap ik de gang op zonder naar het slaapkamervenster om te kijken. Ik laat het badkamerwater lopen, scheer me. In de inbox zijn geen nieuwigheden. Ik maak een broodje kaas en inspecteer de pepers in het tuintje.
maandag 1 augustus 2011
de mus
Een mus. Is 't een mus? Het is geen mus. Een fiet, de teuf misschien. Een andere nakomeling van de dinosauriërs dus.
De nietmus gaat op de rand van een bloempot zitten. In de pot vijf pepers. Hoog schiet het niet op. Kijkt die kant op, geen kat te zien, kijkt de andere kant en pikt. Pikt aan de bloempotrand. Pikt twee keer. Verplaatst zich. Zelf kan ik het niet: hop, één simpel sprongetje en de mus, geen teuf, geen fiet en opeens ook minder mus, zit de andere kant op, wipt - weer een tel later - van bloempotrand naar stoelleuning, een sprong waarmee ik, als ik het kon, meteen al voorbij de dakgoot zat.
Ik kom tot inzicht. Een mus is het niet. En een tel later: weg. De teuf misschien.
De nietmus gaat op de rand van een bloempot zitten. In de pot vijf pepers. Hoog schiet het niet op. Kijkt die kant op, geen kat te zien, kijkt de andere kant en pikt. Pikt aan de bloempotrand. Pikt twee keer. Verplaatst zich. Zelf kan ik het niet: hop, één simpel sprongetje en de mus, geen teuf, geen fiet en opeens ook minder mus, zit de andere kant op, wipt - weer een tel later - van bloempotrand naar stoelleuning, een sprong waarmee ik, als ik het kon, meteen al voorbij de dakgoot zat.
Ik kom tot inzicht. Een mus is het niet. En een tel later: weg. De teuf misschien.
zaterdag 30 juli 2011
een partijtje
Guido springt binnen. Sinds zomer 2009 heeft dat drie partijtjes opgeleverd. Tegen de gang van zaken in win ik twee van die partijen, telkens na een blunder van de tegenpartij. Ook de partij die we vandaag afwerken, win ik. Ik kom 3-1 voor. Waaraan ik dat te danken zou hebben, weet ik niet. De tegenpartij is een gehaaide kerel, hij speelt op een brutale manier, neemt en voegt daar soms een opmerking van Euwe aan toe. Daar heb ik weinig tegen in te brengen. De tegenpartij ziet zoveel zetten vooruit dat ik er alleen maar van dromen kan om toch die ene pion te houden. Toch loopt het anders. De vierde partij is daar een voorbeeld van. Het gaat gelijk op, het komt tot twee keer korte rocade, we onderbreken de partij die we zeven maanden later opnieuw aanvatten, beduusd, omdat we geen van beiden weten hoe het zat. De tegenpartij gaat elimineren, alles sneuvelt, de lopers, de paardjes, de dames. We komen in een positie met gelijk aantal stukken: vijf pionnen, twee torens, een koning.
De dames gaat niet zomaar. Van zet 24 tot zet 30, meteen nadat de tegenpartij het tweede paard kwijt raakt, is er een stormloop van de zwarte dame. Het ziet er bekakt uit. Met 27 Kc3 breng ik de witte koning, fel belaagd en ver van het bezemhok waar hij zich met het tutoyeren van spinrag en braaksel bezig hield, in een positie vlak tussen vier pionnen in. De zet is bedoeld om de pionnen te beschermen en schermt tegelijk de aanvalslinie van de zwarte dame af. Vier lakeien, één koning. Het is, wat ik pas vijf zetten later door heb, het kantelmoment van de partij. Na 30 e4 stremt het geweld van de zwarte dame en komt het, één zet later, tot dameruil. Dat heb ik uitgelokt. Het is aan de tegenpartij om te beslissen of hij de dame neemt of niet. Hij neemt. Twee koningen, de torens en vijf pionnen, meer blijft er niet. Enkele zetten later, met 35 TxTc3 en 36 KxTc3 sneuvelen twee torens. Het stevent op een remise af.
De zwarte toren staat op een witte pion die door de witte toren beschermd wordt. De witte toren staat afwisselend in twee baanvakken op de zwarte koning. De zwarte koning zit in het bezemhok en wordt alleen door de witte toren bedreigd. De zwarte toren, het andere stuk van de tegenpartij, komt in een moeilijke positie. De tegenpartij maakt een fout, het heeft weinig zin om de witte pion te viseren. De witte pion kan niet genomen worden zonder dat de zwarte toren uit het spel verdwijnt. Er zijn vier pionnen. Zwart blokkeert de constructie, op de pionnen die er intussen niet toe doen staan ze, op één na, tegen elkaar aangedrukt. Zwart heeft een scenario, de remise wenkt. De witte koning staat in een constructie met zwarte en witte pionnen die weinig toelaat. Niets, bijna. Wit offert de vrije pion, zwart neemt, de witte koning neemt de andere pion en schuift, na een laattijdige reactie van de zwarte toren, door naar Kb6.
De dames gaat niet zomaar. Van zet 24 tot zet 30, meteen nadat de tegenpartij het tweede paard kwijt raakt, is er een stormloop van de zwarte dame. Het ziet er bekakt uit. Met 27 Kc3 breng ik de witte koning, fel belaagd en ver van het bezemhok waar hij zich met het tutoyeren van spinrag en braaksel bezig hield, in een positie vlak tussen vier pionnen in. De zet is bedoeld om de pionnen te beschermen en schermt tegelijk de aanvalslinie van de zwarte dame af. Vier lakeien, één koning. Het is, wat ik pas vijf zetten later door heb, het kantelmoment van de partij. Na 30 e4 stremt het geweld van de zwarte dame en komt het, één zet later, tot dameruil. Dat heb ik uitgelokt. Het is aan de tegenpartij om te beslissen of hij de dame neemt of niet. Hij neemt. Twee koningen, de torens en vijf pionnen, meer blijft er niet. Enkele zetten later, met 35 TxTc3 en 36 KxTc3 sneuvelen twee torens. Het stevent op een remise af.
De zwarte toren staat op een witte pion die door de witte toren beschermd wordt. De witte toren staat afwisselend in twee baanvakken op de zwarte koning. De zwarte koning zit in het bezemhok en wordt alleen door de witte toren bedreigd. De zwarte toren, het andere stuk van de tegenpartij, komt in een moeilijke positie. De tegenpartij maakt een fout, het heeft weinig zin om de witte pion te viseren. De witte pion kan niet genomen worden zonder dat de zwarte toren uit het spel verdwijnt. Er zijn vier pionnen. Zwart blokkeert de constructie, op de pionnen die er intussen niet toe doen staan ze, op één na, tegen elkaar aangedrukt. Zwart heeft een scenario, de remise wenkt. De witte koning staat in een constructie met zwarte en witte pionnen die weinig toelaat. Niets, bijna. Wit offert de vrije pion, zwart neemt, de witte koning neemt de andere pion en schuift, na een laattijdige reactie van de zwarte toren, door naar Kb6.
donderdag 28 juli 2011
dinsdag 26 juli 2011
Sabrina raconte
Sabrina raconte. Je lui ai demandé, mais c'est ou que t'as rencontrée Alexia. Elle raconte. C'était à Helsinki, comme Colette le disait. Elle venait dormir chez moi. Elle venait dormir chez toi? (augmentation et inclination de la hauteur de ma voix vers la fin de la phrase) Oui.
Elle dit oui. Elle venait dormir chez moi. Elle venait d'arriver assez tard à l'Académie ou commencait son étude Erasmus. La boîte était désolée, presque personne, pas de lumière, c'était en hiver, pire de banlieu à l'est de Helsinki, demi heure de la ville, chambre noire, pas de téléphone, elle ne savait prendre le tramway. Un ami me téléphonait, l'expliquait, fille perdue etcetera. Alors elle venait dormir chez moi. On n'a pas beaucoup parlé. Les Finlandais ça ne parle pas trop. En tout cas, dans ma famille, c'est des solitaires. Aprés on faisait du VJ. VJ c'est souvent pendant des heures. Les deejays ça change, le VJ souvent fait toute la nuit. Elle venait de temps en temps chez moi. Le truc VJ se passait dans des endroits lointains. Ou il y avait des raves. Et voilà, ça se passait comme ça.
Elle dit oui. Elle venait dormir chez moi. Elle venait d'arriver assez tard à l'Académie ou commencait son étude Erasmus. La boîte était désolée, presque personne, pas de lumière, c'était en hiver, pire de banlieu à l'est de Helsinki, demi heure de la ville, chambre noire, pas de téléphone, elle ne savait prendre le tramway. Un ami me téléphonait, l'expliquait, fille perdue etcetera. Alors elle venait dormir chez moi. On n'a pas beaucoup parlé. Les Finlandais ça ne parle pas trop. En tout cas, dans ma famille, c'est des solitaires. Aprés on faisait du VJ. VJ c'est souvent pendant des heures. Les deejays ça change, le VJ souvent fait toute la nuit. Elle venait de temps en temps chez moi. Le truc VJ se passait dans des endroits lointains. Ou il y avait des raves. Et voilà, ça se passait comme ça.
J'ai des questions, moi, c'est comme ça, j'ai des questions. Je questionne. Je suis bavardeuse: tout se questionne. Alors comme je viens d'apprendre que Harri de Ville en effet commencait plus où moins du genre rock 'n roll, j'en veux savoir tout. Moi, je suis comme ça, ça m'intéresse où ça ne m'intéresse pas de tout, je suis comme ça moi. La conversation se déroule en effet dans un endroit assez charmant, une boîte à la place Marie Hendrika, Yannick s'équipe avec son plus beau visage et, il faut le dire, une moité de Harri de Ville déjà est complètement claire, ce qu'on pouvait aisément dire de l'autre, lui, elle, l'autre qui n'est pas ecxlu, l'exclusion avant tout qui n'est rien qu'une histoire de cons.
Je lui demande, la location du film, l'image du jardin, c'est quel endroit ça. Elle le dit. Elle ne dit pas tout. C'est des petits morceaux. A Bruxelles. Les environs. L'endroit n'a rien d'autre de plus précise que ça. Une maison, le jardin. Une maison avec une petite folie de grandeur. Elles avaient une résidence au Bains Connective. La date: décembre 2010. Le premier projet de Harri de Ville était en Suisse, j'avait un projet à Genève, au Grüti, et invitait Alexia à venir à participer avec moi. C'était quand, je lui demande. Elle le dit. C'était janvier février 2009. C'est les débuts de Harri de Ville. Elle faisait une sculpture video. C'était une volume avec un projection à l'intérieur et une performance en plus, avec Yannick.
Harri de Ville en tout cas a quelque chose de fixe, elle a une caractère. Le projet à Genève était lié à Bildschreitung, un texte de Heiner Müller, Paysage sous surveillance. En anglais: Explosion of the Memory.
Harri de Ville en tout cas a quelque chose de fixe, elle a une caractère. Le projet à Genève était lié à Bildschreitung, un texte de Heiner Müller, Paysage sous surveillance. En anglais: Explosion of the Memory.
maandag 25 juli 2011
boeken
Op de schoorsteenmantels in de crox-residentie, twee schoorsteenmantels, zwart marmer, eentje voorin, eentje achterin, voorin met uitzicht op een uniek zoetwaterbiotoop en op het raamkozijn een potplant die betere tijden gekend heeft, staan in totaal 51 boeken. Het waren er 50. Het zijn er 51 geworden. Mottel en Shea hebben de rolgordijnen voorin kapot gekregen en Julie liet een boek in de residentie liggen, waarover ze later zei dat het een cadeautje was. Geschiedenis. Zo begint het.
Ilse Ermen is op visite. Van Ryssen en Ermen zitten aan de blauwe plank, ik noem het geen tafel, een plank is een plank, ze nemen wat papieren door en ik noteer de boeken.
De hoop van Pandora, Stefaan Van Ryssen.
Choices, Welfare and Measurement van Nobelprijs economie Amartya SEN. Om twee redenen een verbijsterend boek: bijzonder interessant en tegelijk zo goed als onleesbaar.
The Green Imperative, Victor Papanek.
Gods in the Bazaar, Kajri Jain. Met plaatjes van hoe goden afgebeeld werden.
100 Siuolaskiniu Lietuvos, een uitgave van Dailinnku. 100 Litouwse kunstenaars, dat is wat er staat.
Thud! van Terry Pratchett.
De sfinks op de belt van Willy Spillebeen.
Van Mario Livio, die onder andere Is God a Mathematician en The Golden Ratio schreef, ontdek ik op Google, is er The Equation That Couldn't Be Solved. Dingen waarbij ik me voorstel dat het voor Van Ryssen net zo spannend en opwindend is als een crimi van Raymond Chandler.
Kotler's Marketing for nonprofit organizations, 2d edition.
Bicycling Science van een zekere Wilson, de 3de editie.
Designing Sociable Robots van Breazeal.
De divan, een toneelstuk van Manuel Van Loggem.
Geen seizoenen als vroeger. Zo op het eerste zicht geen andere info op de rugsnede.
De labiele stilte, van Daniël Robberechts. Daar sta ik even over na te denken. Ooit, dat moet in 1991 of begin 1992 geweest zijn, hadden we contact met Robberechts opgenomen. We vroegen ons af of hij zin zou hebben om iets over croxhapox te schrijven. Dat weet je zelden op voorhand, zoiets.
Xantippe van Paul Lebeau. Tik ik in op Google: indringende probleemroman, staat er.
Langzaam naar het zand van Walter Haesaert.
Dan twee delen Jongens en Wetenschap, 5 en 12, met een gemene en triomfantelijke glans over de cover.
Honorens Honoré. Daarnaast Ballenjongen van Filip Joos.
Van Karel Jonckheere Met Elizabeth naar. Over het tweede deel van de titel kleeft een sticker. Ik sla het boek open. Het gaat om een omnibus. Er staat: Met Elizabeth naar de golf. Op de kaft, vooraan, is een afbeelding van de zeemeermin van Kopenhagen.
BANCO van Henri Charrière, die, als het dat is wat het woord tussen haakjes bedoelt, ook de auteur van Papillon is.
The Atlas of Climate Change van Kirsten Dow & Thomas E. Downing, en Diversity and the rain forest van Terborgh. Over het regenwoud is er straks nog eentje.
Karen Armstrong en A History of Jeruzalem.
The Collins Compact. In omvang gelimiteerde versie van de Collins Cobuild dictionary.
Guide du fromage.
Partie's, a guide to succesful party giving, edited by Maggie Black, en Van wei tot wijk. Dat is wat zich op de schoorsteentafel voorin bevindt.
Achterin begint het met het boek dat Julie August in de crox-residentie liet: Das Gleichgewicht der Haie, van S. Fischer. Daaronder, het boek van Fischer ligt bovenop een horizontaal gerangschikte stapel, Mining The Web, Cinema E Video, MUSIC, een editie van Hamlyn en The Roman Empire.
The Unbound Prometheus, Technological change, 1750 to the present.
Riding the Waves van Leo Beranek. Google vult aan: Leo Leroy Beranek (born September 15, 1914) is an American acoustics expert, former MIT professor and a founder and former president of Bolt, Beranek and...
Naast Beranek iets van iemand die Adams heet: Winter Music.
Applied General Systems Theory, by Van Giggch. Jezusmariajozef, waar heeft ie die naam vandaan: Giggch.
Le Château des Belges, iets van Renée C. Fox.
Der Prix Ars Electronica 93 en, ter rechterzijde, het begon links, gaat rechtsop, Esthétique marxiste et actualité.
Vulture Biology and Managment in Art, V2_NAI Publications en Javascript Essentials.
Van Marshall G. S. Hamilton The Venture of Islam 1: The Classical Age of Islam.
Experimenal Cinema, David Curtis.
Iets van Simone de Beauvoir: De tweede sexe, deel 1.
Night Frost van R. D. Wingfield en, opnieuw ter rechterzijde, Ilium, van Dan Simmons: Sets the standard for SF in the New Century. Misschien haal ik wat dingen dooreen, uit de notities blijkt dat Night Frost net zo goed van Dan Simmons had kunnen zijn en bij Ilium staat ook nog Peter F. Hamilton vermeld.
Van Havelock Ellis: Psychologie van de sexen. Waarna de reeks afsluit met Global Marketing, by Douglas Lamont. En dan blijft de vraag: wie, van de vele residenten, heeft ook daadwerkelijk een van die boeken aangeraakt, sloeg Night Frost open en las een halve pagina, of ging liggen, met een zucht van triomfantelijke vermoeidheid.
Ilse is er in geslaagd om contact te maken met Claire. We rijden naar het woonerf.
Ilse Ermen is op visite. Van Ryssen en Ermen zitten aan de blauwe plank, ik noem het geen tafel, een plank is een plank, ze nemen wat papieren door en ik noteer de boeken.
De hoop van Pandora, Stefaan Van Ryssen.
Choices, Welfare and Measurement van Nobelprijs economie Amartya SEN. Om twee redenen een verbijsterend boek: bijzonder interessant en tegelijk zo goed als onleesbaar.
The Green Imperative, Victor Papanek.
Gods in the Bazaar, Kajri Jain. Met plaatjes van hoe goden afgebeeld werden.
100 Siuolaskiniu Lietuvos, een uitgave van Dailinnku. 100 Litouwse kunstenaars, dat is wat er staat.
Thud! van Terry Pratchett.
De sfinks op de belt van Willy Spillebeen.
Van Mario Livio, die onder andere Is God a Mathematician en The Golden Ratio schreef, ontdek ik op Google, is er The Equation That Couldn't Be Solved. Dingen waarbij ik me voorstel dat het voor Van Ryssen net zo spannend en opwindend is als een crimi van Raymond Chandler.
Kotler's Marketing for nonprofit organizations, 2d edition.
Bicycling Science van een zekere Wilson, de 3de editie.
Designing Sociable Robots van Breazeal.
De divan, een toneelstuk van Manuel Van Loggem.
Geen seizoenen als vroeger. Zo op het eerste zicht geen andere info op de rugsnede.
De labiele stilte, van Daniël Robberechts. Daar sta ik even over na te denken. Ooit, dat moet in 1991 of begin 1992 geweest zijn, hadden we contact met Robberechts opgenomen. We vroegen ons af of hij zin zou hebben om iets over croxhapox te schrijven. Dat weet je zelden op voorhand, zoiets.
Xantippe van Paul Lebeau. Tik ik in op Google: indringende probleemroman, staat er.
Langzaam naar het zand van Walter Haesaert.
Dan twee delen Jongens en Wetenschap, 5 en 12, met een gemene en triomfantelijke glans over de cover.
Honorens Honoré. Daarnaast Ballenjongen van Filip Joos.
Van Karel Jonckheere Met Elizabeth naar. Over het tweede deel van de titel kleeft een sticker. Ik sla het boek open. Het gaat om een omnibus. Er staat: Met Elizabeth naar de golf. Op de kaft, vooraan, is een afbeelding van de zeemeermin van Kopenhagen.
BANCO van Henri Charrière, die, als het dat is wat het woord tussen haakjes bedoelt, ook de auteur van Papillon is.
The Atlas of Climate Change van Kirsten Dow & Thomas E. Downing, en Diversity and the rain forest van Terborgh. Over het regenwoud is er straks nog eentje.
Karen Armstrong en A History of Jeruzalem.
The Collins Compact. In omvang gelimiteerde versie van de Collins Cobuild dictionary.
Guide du fromage.
Partie's, a guide to succesful party giving, edited by Maggie Black, en Van wei tot wijk. Dat is wat zich op de schoorsteentafel voorin bevindt.
Achterin begint het met het boek dat Julie August in de crox-residentie liet: Das Gleichgewicht der Haie, van S. Fischer. Daaronder, het boek van Fischer ligt bovenop een horizontaal gerangschikte stapel, Mining The Web, Cinema E Video, MUSIC, een editie van Hamlyn en The Roman Empire.
The Unbound Prometheus, Technological change, 1750 to the present.
Riding the Waves van Leo Beranek. Google vult aan: Leo Leroy Beranek (born September 15, 1914) is an American acoustics expert, former MIT professor and a founder and former president of Bolt, Beranek and...
Naast Beranek iets van iemand die Adams heet: Winter Music.
Applied General Systems Theory, by Van Giggch. Jezusmariajozef, waar heeft ie die naam vandaan: Giggch.
Le Château des Belges, iets van Renée C. Fox.
Der Prix Ars Electronica 93 en, ter rechterzijde, het begon links, gaat rechtsop, Esthétique marxiste et actualité.
Vulture Biology and Managment in Art, V2_NAI Publications en Javascript Essentials.
Van Marshall G. S. Hamilton The Venture of Islam 1: The Classical Age of Islam.
Experimenal Cinema, David Curtis.
Iets van Simone de Beauvoir: De tweede sexe, deel 1.
Night Frost van R. D. Wingfield en, opnieuw ter rechterzijde, Ilium, van Dan Simmons: Sets the standard for SF in the New Century. Misschien haal ik wat dingen dooreen, uit de notities blijkt dat Night Frost net zo goed van Dan Simmons had kunnen zijn en bij Ilium staat ook nog Peter F. Hamilton vermeld.
Van Havelock Ellis: Psychologie van de sexen. Waarna de reeks afsluit met Global Marketing, by Douglas Lamont. En dan blijft de vraag: wie, van de vele residenten, heeft ook daadwerkelijk een van die boeken aangeraakt, sloeg Night Frost open en las een halve pagina, of ging liggen, met een zucht van triomfantelijke vermoeidheid.
Ilse is er in geslaagd om contact te maken met Claire. We rijden naar het woonerf.
vrijdag 8 juli 2011
vaas
'Wat is er gebeurd?' vroeg ze. Kwaad was ze niet. Het was haar lievelingsvaas, een vaas die ze zelf gemaakt had. Het ding stond op een lage tafel vlak naast de doorgang naar het benedenhuis.
Ze vroeg het opnieuw: 'Wie heeft de vaas omver geworpen?' Kwaad zou ze niet worden. Ze zou geen van beide jochies een klap gaan geven, ze zou niet gaan schreeuwen, er zou geen straf volgen. Dat deed ze niet. Dat had ze nooit gedaan en tot op zekere hoogte zou ze zich ook later aan dat grondbeginsel houden. De vaas lag aan gruzelmenten.
De jochies wisten dat ze niet gestraft zouden worden, ze zou niet gaan roepen, dat deed ze niet. Toch schatten ze dat heel erg simpele gegeven elk op een andere manier in. Om te beginnen hield de jongste van beide, hij die de vaas omver gestoten had, de lippen op elkaar. Dus vroeg ze het nog een keer. 'Wat is er gebeurd?'
'Hij is tegen de vaas aangelopen,' zei de oudste van beide. De ander hield de lippen op elkaar. Iets hoorde gezegd te worden, ze konden niet blijven zwijgen tot het huis instortte. 'Heb jij de vaas omver gelopen?' vroeg ze. Ze zou geen boze dingen gaan zeggen. Er zou geen straf volgen. Dat deed ze niet.
'Nee,' zei het joch. En het huis stortte in. Traag, het zou veertig jaar nemen voor het helemaal tegen de grond lag.
Ze vroeg het opnieuw: 'Wie heeft de vaas omver geworpen?' Kwaad zou ze niet worden. Ze zou geen van beide jochies een klap gaan geven, ze zou niet gaan schreeuwen, er zou geen straf volgen. Dat deed ze niet. Dat had ze nooit gedaan en tot op zekere hoogte zou ze zich ook later aan dat grondbeginsel houden. De vaas lag aan gruzelmenten.
De jochies wisten dat ze niet gestraft zouden worden, ze zou niet gaan roepen, dat deed ze niet. Toch schatten ze dat heel erg simpele gegeven elk op een andere manier in. Om te beginnen hield de jongste van beide, hij die de vaas omver gestoten had, de lippen op elkaar. Dus vroeg ze het nog een keer. 'Wat is er gebeurd?'
'Hij is tegen de vaas aangelopen,' zei de oudste van beide. De ander hield de lippen op elkaar. Iets hoorde gezegd te worden, ze konden niet blijven zwijgen tot het huis instortte. 'Heb jij de vaas omver gelopen?' vroeg ze. Ze zou geen boze dingen gaan zeggen. Er zou geen straf volgen. Dat deed ze niet.
'Nee,' zei het joch. En het huis stortte in. Traag, het zou veertig jaar nemen voor het helemaal tegen de grond lag.
Abonneren op:
Posts (Atom)



