donderdag 13 december 2007

donderdag 13 december

Een eerste blik in de kamer. Vanuit liggende positie kijk je op een andere manier tegen meubilair aan. De onderkant van het nabije tafelblad krijgt onbedoeld een dramatisch effect. Buiten is het geluid van een motor te horen. Ik duw op de knip van de bureaulamp en stap uit het nachtelijke aureool, pluk een volume uit de boekenkast en sla het open. 'Poésies complètes: 1912-1924, Du monde entier', bladzijde 63:
'Bien quoi
Il n'y a donc plus de belles histoires' Het is een oude gewoonte om elke dag te beginnen met een willekeurige zin uit een willekeurig gekozen boek. Vandaag was ik op zoek naar een Gallimard editie van poëzie van Pasolini - en dat kleine kamertje waar het rook naar urine en wasgoed - maar iets van Blaise Cendrars is natuurlijk net zo goed. Ik grasduin in het volume en stuit op volgend fragment:
'Je n'ai jamais aimé Mascagni
Ni l'art ni les Artistes
Ni les barrières ni les ponts
Ni les trombones ni les pistons' Tot zover het dagbegin. De schreeuwende kinderen passeren rond een uur of elf, op dat moment ben ik sinds enige tijd bezig met het bijeenzoeken van de emailadressen van kunstenaars die we voor Brainbox 2 willen. De eerste selectie is vijftig namen. Die eerste selectie is allesbehalve definitief. Honoré d'O, Adriaan Verwée en Antoine Van Impe hebben toegezegd. Er is telefoon van Rob. Hij zit met een probleem, van de tekeningen van Philippe Vandenberg is 1 scan totaal fout en ze hebben ook 1 tekening over het hoofd gezien, dus moet hij bij Reproduct langs. Ik zoek het nummer van Reproduct in de Witte Gids en krijg een sympathieke dame aan de lijn.

In crox staat Frank aan de toog. Frips heeft permanentie, er zijn wat bezoekers, voor een donderdag valt het mee. 'Daar is de maestro,' zegt Frank. Ik deponeer de schoudertas op het meubel van Adriaan. Iemand heeft interesse voor het werk van Carole en Kurt. Frank is ervandoor, Marc springt binnen. Edith uit het Vlaams-Brabantse Landen schafte zich in het Gentse Sint-Pietersstation een set chocolaatjes aan. De erotische curiosa zijn bedoeld voor de kerstboom: 3 pakjes witte en 3 pakjes zwarte chocolade. In de pakjes met witte chocolade telkens vijf madammen, in de pakjes met zwarte chocolade een set van vijf priapische fallussen. Ze is dol op dit soort curiosa. Het gesprek komt op het ZOO-project van Guy Bleus, in 1992 was dat. Ze heeft nog wat fotoboekjes bij, eentje documenteert een van de vele FAX-projecten van Bleus, het andere eigen werk. Wat ze ook zo bijzonder vindt, is dat ze dertig jaar in het onderwijs stond en dat wij dat niet gezien hebben.
Frips, vandaag met een turkooisblauwe wollen muts en dik ingeduffeld tegen de kou, vertelt dat Cynthia binnensprong en zei dat we Elvis - 'of Olifant zoals jullie hem noemen,' zei ze - een tijdje niet zullen zien, hij is op relaxatie bij haar moeder, zei ze, want ziek, had ze te melden, nierstenen of zoiets, precaire toestand, de dierenarts zou gezegd hebben dat hij er erg aan toe was, maar geen nood had ze er aan toegevoegd, geen paniek, geen ongerustheid, na Kerst is Olifant terug. Ik schuif Live at Pep's Volume Two van Yusef Lateef in de hifi. Frips deelt mee dat Ike van Tina Turner overleden is. Voorts hebben ze tante Veerle op visite gehad en Piere en die Els die ge kent en dan nog een vrouw en er was ook een man en Edith Van Hoef en dan nog iemand en Frank kwam een kijkje nemen en Els zei dat ze die werkjes van Kurt en dat ene werkje van Gerd een heel erg geslaagde combinatie vond. Tijdens Open Atelierdagen had ze van twee kunstenaars werk gezien dat haar interesseerde en dus best een aangename verrassing, zei ze, dat beide kunstenaars deel uitmaken van het schilderproject.
De witte roos op de boekentafel ziet er nog net zo fris uit als drie weken geleden.

woensdag 12 december 2007

woensdag 12 december

Een lawine van mailtjes. Het chatvenster opent - ik heb net een mailtje naar Valerie M gestuurd - en de vraag van Frips of ze net als vorige week morgen donderdag voor permanentie instaat of hoe het zit. Britta Bogers wil verduidelijking bij een recent voorstel. Yannick, Antoine en Marie hebben toegezegd voor de tweede editie van BRAINBOX. Honoré, Evert en Adriaan hadden eerder al toegezegd. Thomas Böing en Grégory van GM ook. Ook Philippe had interesse. Benieuwd of Miet zich vrijmaken kan. Steffie, Sarah&Charles, Bernd, Kelly, Stefaan en Deborah en Vincent en Jan van het WELD-collectief. Sjoerd met de mededeling dat ze de vertoning van gisteravond wellicht nog wel eens overdoen. Toon Callier van ZWERM. De uitvoering van het kwartet van Nico Sall is voor eind maart. Een zekere Kate uit Long Island wil weten of we ook glas tentoonstellen. Gisteren hing Matthieu aan de telefoon. In de blogstats blijft Véronique het uitzonderlijk goed doen, merk ik. Dan Lucia. Dat ze het SMAK-concert van The Singing Painters fenomenaal fantastisch vond en het vragen van een 'autograph' overweegt, uitroepteken. En waar ik na het concert gebleven was. Wel, dat ik tijdens de performance van Kendell Geers via de dienstuitgang wist te ontkomen. De simpelste oplossing is vaak de beste.
Aan het Belfort stapt Oolf gezwind onder de kerstversiering door. Ik maak van de gelegenheid gebruik om bij de Toeristische Dienst te informeren hoe ze informatie actualiseren die betrekking heeft op de kunstensector. Dat doen ze via de digitale cultuuragenda, verneem ik. Op de ijspiste is dolle pret. In Coffeelounge strijken we neer in de hoek naast de kerstboom. Het gesprek komt op BRAINBOX, we nemen heel even de selectie door. Oolf zit vast aan een strakke agenda, vernam het overlijden van Karlheinz via de radio, heeft tijd voor een koffie, meer niet. Daarna gaat het linea recta richting Hoogpoort waar vrijdag eerstkomend een presentatie van zijn meest recente werk aan het publiek wordt voorgesteld. Vlakbij het Belfort bots ik bijna tegen een zwaarlijvige dame aan die op haar beurt uitwijkt voor iemand die folders van de Kerstmarkt uitdeelt. Ik heb het nooit gehad voor die met muzak bevloeide eindejaarsdrukte maar vandaag is 't best een gezellige reutemeteut. Ik ga bij De Post langs, in de biowinkel vlakbij de Kortemeer en stel ad hoc een scenario op voor twee dossiers waar maar eens werk van gemaakt moet worden. Het is het voordeel van de omweg tussen A en B. Dankzij de vele tussenstadia biedt het alfabet na verloop van tijd meer mogelijkheden dan variaties op gegeven mogelijkheid A en gegeven mogelijkheid B. En er is tijd om over van alles en nog wat na te denken. In een viswinkel komt het gesprek op de Perle Blanche, volgens de gerant van de oesters het beste wat hij in aanbieding heeft en niet eens de duurste variëteit. Perle Blanche is een Normandische oester die in Bretoense wateren verfijnd wordt. De zaakvoerder brengt de vingertoppen van duim en wijsvinger tot kinhoogte. Hebben ze dan geen Bretoense variëteit, vraag ik. Nee, 't zijn Normandische. De oogst gebeurt aan de Normandische kust waarna ze een bad krijgen in de Bretoense wateren. In Bretagne is het kustwater zuiver, een stuk beter dan in Normandië het geval is. In de Gironde hebben ze trouwens nog een variëtiet maar die wordt vooral daar ter plekke en in Spanje gesleten. Met de Zeeuwse oester is het niet anders, die wordt op de Waddeneilanden geplukt en daarna boven Vrouwenpolder in Zeeuwse wateren verfijnd.

dinsdag 11 december 2007

dinsdag 11 december

Twee doosjes geblauwde bloknagels. Hoeveel per doosje staat nergens vermeld.
Waar ze die nagels maken, vraag ik.
Weenie, zegt de verkoper. Stapt met een tussentijd van luttele seconden tegelijk links en rechtsop.
Belgisch product, gok ik, vraagteken.
Weenie, dat hij het niet weet, geen idee, maken geen nagels in België. Heeft trouwens alleen die van 18mm in voorraad.
Heb je geen kleinere?
Hij fronst het voorhoofd, denkt na. Er is ook 12mm, besluit hij.
Doe maar die van 12mm, zeg ik.
Ja dat heeft hij niet. Zal hij moeten bestellen. Kan weken duren. Als ze in het centraal depot geen voorraad hebben maanden. Met tegenzin komt hij tot de vaststelling dat het product bestellen of bijbestellen uiteraard niet helemaal uitgesloten kan worden. Hij jakkert heen en weer achter de eikenhouten toonkast, kan zich niet herinneren waar hij het bestelbonboekje laatst gezien had kunnen hebben, verdwijnt achter een display met hardlijm en nijptangen. Een tweede persoon komt zich met de zaak bemoeien en dan toch weer niet, het gaat om het vervolg op een vorige zaak, het dispuut zou betrekking hebben op een onvindbaar voorwerp, iets waar hij zich voorlopig niet wenst mee bezig te houden, een andere keer. Ah! Het boekje met bestelbonnen. Het bevond zich vlakbij op de brede richel van de vitrinekast tussen een file van niet op orde gebrachte papieren. Vanuit het appartement van Ann kan je op de eerste verdieping van de winkel binnenkijken in een ruimte die meer dan waarschijnlijk als bureau fungeert, over het kantoormeubilair spreidt zich een uit ontelbare lagen bestaande papiertroep uit.
Ik bestel een voorraad van 5 kilo bloknagels, het is dat of helemaal niets. Kan maanden duren, jent hij. Maakt niet uit, zeg ik lachend, dat product, iets anders moet ik niet hebben. Als ze het in depot hebben, vergoelijkt hij, heb je het voor Kerstdag. Kom kom, zo vlug hoeft nu toch ook weer niet, zeg ik. Hij toont een als understatement bedoelde grijnslach, is tevreden met het voorschot. Je moet bedenken, argumenteert hij, je komt de bestelling niet ophalen en dan zit ik er mee en het duurt een eeuwigheid voor ik dat kwijt ben. Heb je toch ook weer wat voorraad, zeg ik. Hij toont de intussen vertrouwde sympathieke grijnslach. Zijn er nog meer toepassingen van het product, vraag ik.
De meest gebruikelijke, verneem ik, is het oplappen van zetels en stoelen.

BRAINBOX twee, een werkvergadering. We bespreken de modaliteiten van het project. Ik ging een kijkje nemen op het dak. Van een van de luchtpijpen is het deksel afgewaaid. We bekijken de site van Antje Dorn, in de hifi The Pianist van Duke Ellington. Voor de tweede editie van BRAINBOX houden we vast aan een korte opbouwperiode van 1 week, maximaal. Elke fase blijft 3 tot 4 weken te bezichtigen, van september 2008 tot juni 2009 hebben we hiermee een opeenvolging van 8 episodes en er zijn ook al wat namen bekend.
Ik schuif The Jimmy Giuffre 3 met Bley en Swallow in de hifi. Omstreeks 6 is er een afspraak met Ilse Roman en Els. Het duurt een tijd voor de dames opdagen. Ilse wil graag weten of we touw hebben en de verwarming in crox3 komt ter sprake. Het is halfnegen als ik aan de Vlasmarkt beland, een plotse honger overvalt me. In de Bijloke langsgaan zit er niet langer in.

maandag 10 december 2007

maandag 10 december

Een dag in de bibliotheek van Borges. Eastern Sounds & Live at Pep's Volume Two van Yusef Lateef, The Pianist van Duke en Giuffre in het Parijse Olympia, Sigrid zeult met een krat boeken, Oolf ging bij de kadermaker langs zegt ze, aan het Belfort hebben ze de ijspiste, kooplustigen schuimen over de stoeprand. Hoeveel mailtjes ik te beantwoorden had is na verloop van tijd onduidelijk. Met Frank over de adviesgroep en een conclusie, dan het project van Sarah & Jelle en de tweede editie van BRAINBOX. De login van de encyclopedie lijkt opnieuw te functioneren en dan toch weer niet. Er is post, het Agentschap Kunsten en Erfgoed laat weten dat er voor 2007 een bijkomende indexering wordt toegekend.
In het atelier is de rust teruggekeerd na het ongenode bezoek van vorige week. Terwijl ik aan het schilderen was had iemand zich in de duisternis van het appartement tot aan de deur van het atelier gewaagd. Wat een brutaliteit. Gedurende enige ogenblikken binnen handbereik: een dvd-box met onder andere La Voie Lactée en Tristana van Luis Bunuel en van Wenders een verzamelbox waarop naast Falsche Bewegung ook Die Stand der Dinge en Paris Texas figureren.
Het project van Oolf is niet woensdag maar vrijdag. The Boy Next Door van Giuffre met een sound die aan Toots Thielemans denken doet, Wilford Middlebrooks on bass en de altijd verbluffende Jim Hall. Ah ah hahaha die Giuffre man man man. Het was Oolf die zich na dat fabelachtige concert van Ornette Coleman in een standje 'way back near the pool' een dubbelcd van Giuffre aanschafte. Later kwamen we er op uit dat Giuffre begin jaren negentig een reset had gedaan van The Life Of A Trio met Bley en Swallow. 'His passion for counterpoint' verduidelijkt Philippe Carles van Jazz Magazine, 'and its infinite possibilities. It is out of question to reduce his work to' (enzovoort), enfin om maar te zeggen. Anders dan tenoren als Coltrane en Dolphy is Giuffre iemand die het niet van kracht maar van verfijning en een subtiele toon hebben moet, ik citeer Carles: 'a seemingly quiet and unhurried force, of writing mostly in minor keys, playing more with breath and its exquisite variations than with power'. Two For Tumbuktoo doet me aan die grap over Shakespeare denken. Share speak, Onehand Willy. Het Parijse publiek, het gaat om een live opname uit 1961, zorgt voor een luidruchtig maar aanvaardbaar en tot op zekere hoogte aangenaam background spektakel. He jongens, ja, jullie daar, jij, ja kom eens hier, kom eens hier, heb je, heb je zopas niet Veronique De Cock ingetikt op Google, vertel eens op, vertel ja precies, vriendje, ha ha ha, jawel, Veronique De Cock naakt als ik het goed, kom kom kom, vooruit, niet jokken, haal het instrument boven, Live at Peeps van die Yusef Lateef heeft er niets aan, wat zeg ik, komaan vooruit, jongens geef er een lap op, het godenkind braakt op je bakkes en in dat braaksel zoek je naar de dichtsbijzijnde knop, vlug vlug, anders missen we Familie.

zondag 9 december 2007

zondag 9 december

Onder de bomen aan Sint-Jacobs krassen de marktkramers op, dat neemt wat tijd in beslag en gebeurt met het nodige animo. Met secuur plooi- en paswerk kan het boekenstandje van Younis net in een bakfiets. De spullen die er niet in kunnen (een luifelparaplu, schragen, een stoel) werden bovenop de bak samengebonden. Het boekenstandje van Younis, die Marokkaanse roots heeft, is voor de liefhebbers van het betere boek, je vindt er volumes van Flaubert en Camus en goedkope edities van Van der Heyden. Verderop, waar het plaveisel vernauwt tot een afgeronde driehoek, laat een zwaarlijvig heerschap een valies vallen. De valies klapt open - gedurende een kort moment is de inhoud ervan goed zichtbaar - en de marktkramer, die het voorval vooral vervelend vindt omdat het de gang van zaken hindert, gromt een verwensing. Younis zwaait en komt op me toestappen. Dat ik die meneer van Croxhapox ben. Ja, dat klopt. Dat hij en Zeger en Nico binnenkort bij ons optreden en dat ze een vierde man hebben, een cellist, Lode heet hij.
-Dan ben jij de zanger?
Ja, klopt. Zeger ken ik nog van toen hij contrabas speelde. Nico is een talent. Younis vertelt hoe hij met dat boekenstandje begonnen is. Boeken die hij in z'n bibliotheekje had en die hij toch niet las of al gelezen had, zo is 't begonnen. Ook nu maakt hij er werk van om goed gerief te vinden.
Ik zal eens wat boeken bij je binnensteken, zeg ik, boeken die ik op overschot heb.
In 'Beknopte aantekeningen over het oordeelkundig ordenen van je boeken' vertelt Perec over een vriend die besloot om zijn boekenverzameling tot 361 boeken te beperken. Telkens hij een boek kocht, had hij één boek uit zijn boekenverzameling te verwijderen, maar eigenlijk ging het andersom: pas als hij een boek van de hand had gedaan kon hij zich een nieuw boek aanschaffen.

Eergisteren Michiel van Alberts, Messchendorp & Company aan de telefoon. Hij wou een enveloppe binnensteken, zei hij. Het belooft een zonnige dag te worden maar het duurt niet lang of het weer slaat om. Op een kaart bestudeer ik het Afrikaanse continent. Klaus, die niet wist of het Mauretanië was, zei dat hij van plan is om een vriendin te bezoeken die in Afrika op een eiland woont. Dat het aan de Oostkust was, zei hij. Dus dat het Mauretanië was, zei hij. Mauretanië is Westkust Afrika, zei ik, da's onder Marokko. Zou het, vroeg Klaus zich af. Nee, dat kan niet, zei hij, 't is waar Zanzibar is. We hadden het over Madagascar, over Reunion en over Zanzibar gehad. Ja, wel, dat is in elk geval Oostkust zei ik. Dan bedoel je Kenia, zei ik. Kenia? Nee, het was Mauretanië, zei Klaus. Mauretanië situeert zich aan de Westkust tussen Senegal en Marokko, zei ik. Ik had het eerder gezegd en ik zei het nog eens. Ja, dat kon niet, zei Klaus want het lag aan de Oostkust en daar had hij een vriendin en die woonde op een eiland. Bedoel je Mozambique, zei ik. Dat wist hij niet. Hij kon het zich niet herinneren. Toch Ethiopië niet, zei ik. Nee, nee, zei hij. Dat is ten noorden van Kenia, verduidelijkte ik. Klaus meende dat dat niet helemaal klopte maar dat deed er niet toe. Ethiopië is in elk geval aan de Oostkust, zei ik. Op de kaart, merk ik, is het amper 10 centimeter van Caïro naar Kaapstad. Eén enkele oogopslag volstaat om van Zanzibar naar Dakar uit te wijken. Mauretanië is ten zuiden van Marokko. Nog wat meer naar het zuiden is Senegal. In het Oosten, paar centimeter rechtsop, is er Kenia, boven Kenia een smaller areaal waar in drukletters het woord Ethiopië werd aangebracht. Onder Kenia, wat Klaus zich niet herinneren kon, heb je Tanzanië. Als je je hand pal boven de Indische Oceaan houdt bevindt de top van je pink zich ter hoogte van Vladivostok. Kleine wereld.

In crox is er eerst een half uur niemand. Elvis Olifant laat zich niet zien. Nu de blonde Cynthia weet dattie vreemd gaat zou 't wel eens kunnen dat we straks weer met muizen zitten. Dat hij overal in de hele buurt over de vloer komt, zei ze.
De eerste bezoekers komen dit keer uit het verre Luik. Ze zijn met een Ticket Shopping, 7 euro heen en terug, speciaal uit Luik naar crox gekomen. Van het shoppen kwam niets terecht, lachen ze, na crox gaat het meteen weer richting Luik. Er zijn ook wat bezoekers die tot de lokale scene horen. Om het evenwicht te herstellen trommel ik enkele van de asielzoekers op die zich sinds enige tijd in de stockruimte schuilhouden en er instaan voor de sonore omkadering van het What About Crox project, dit om de elektriciteitskosten te drukken. Om te voorkomen dat ze door de vreemdelingenpolitie worden ontdekt en als bijvoorbeeld Tjeteen en Koerd ontmaskerd, spreken ze elkaar aan met namen van bij ons, Kurt, Helmut en Freddy.
'Il f-f-faut que tout t-tout les Wallons vient vivre en F-F-F-Flandres,' meent Freddy. 'Et t-tout les Fla-Fla-Fla-Fla-Flamands en Wallonie.' Fuck fuck fuck, we gieren van het lachen. Helmut, het zou om een Tjeteen gaan, is gespecialiseerd in licht ontvlambare gassen en had van kindsbeen af affiniteit met het traditionele genre.
Andere bezoekers interesseren zich voor het werk van Ian en Kurt. Ook het werk van Gerd vinden ze heel erg goed. Voor het werk van Stef zijn meerdere kopers alleen weet ik helaas niet hoeveel het kost. Ik telefoneer Stef. Een grauwe regenvlaag jaagt over het woonerf.
Iemand merkt op dat een van de werken van Duyck aan Miro doet denken. Ik keek, keek nogmaals, keek opnieuw, geen Miro, Miro zag ik niet.
'Le systême et le problême,' grapt Antoine, 'c'est masculin.'
Marie ajoute la fruit et l'arbre.
'Et c'est quoi,' vraag ik, 'c'est un ou c'est une idée.'
-C'est une. L'idée est feminine. We lachen. Les cons et les connes et la stupidité, c'est quoi ça.
Nog meer bezoekers. Een koppel in aanbidding voor de kerstboom van Carole. Ik tap wat biertjes. Het is een simpele vaststelling, het publiek reageert enthusiast op dit simpele project. Zelf heb ik het vooral voor het werk van Carole, werk dat als je 't mij vraagt als een besneeuwde top boven het project uitsteekt. Ik hou van de kleine dieren. De hamster verbergt zich in een bosje stro, een wezel schiet over het terrein en midden het wegdek ligt een platte poes.
Er zijn nog bezoekers. Sommigen komen van Dhont-Dhaenens, andere van OneTwenty. Een koppel nestelt aan de bar. Dat het hier gezellig is. Er is telefoon van Sarah Pessoa. Astrid springt binnen en Carole komt haar fiets oppikken. Pieter bestelt een pintje. Hij was in Rotterdam, kon zich niet vrijmaken. In De Standaard lees ik op bladzijde 3 dat Karlheinz Stockhausen overleed.

zaterdag 8 december 2007

zaterdag 8 december

-Dag Olifant.
Ook vandaag is poes er als de kippen bij. En Olifant niet alleen, het geluid van de klokken van de Machariuskerk valt samen met de voetstappen van de eerste bezoeker, iemand uit Limburg die voor het Schilderproject komt, meer specifiek voor het werk van Carole Vanderlinden met wie hij een afspraak heeft. Hij runt een galerie in Heusden-Op-Zolder op het terrein van het voormalige mijncomplex, vanuit de galerie is een reusachtige terril te zien waarop wandelpaden zijn aangelegd. Poes nestelt zich op het platform van de kubusruimte, eerst op de zwartlederen directeurszetel, later in een kartonnen doos. Ik steek de straalkachel aan en zet een pot koffie. Carole springt binnen.
Een buitje roffelt over het dak. Olifant doet een dutje. De witte roos in een voor de helft gevuld glas van brouwerij Voisin, ter attentie van wie is onduidelijk, oogt nog net zo fris als twee weken geleden. Een groengerokte Sylvie Janssens en haar vriend springen binnen. We nemen een portfolio door waaraan ze speciaal voor de gelegenheid nog wat beeldmateriaal heeft toegevoegd, tekeningen, foto's en videostills waaruit, vindt ze zelf, niet zo heel erg veel af te leiden valt, 'moet je in het echt zien'. Er zijn bezoekers uit het Brusselse en het Waalse gewest. Zoë, Aurore, Appoline.
Olifant diep weggedoken in de kartonnen doos. Regen zeikt over het woonerf. Zephyros wringt z'n dweil uit.
Met Sophie Regali komt het gesprek op SLOW, een project van Marina Yee in het Hasselste Z33. Wat later An en Mercedes. An zegt dat iemand zei dat ge kunt zien dat het werk van Carole het werk van een vrouw is.
Ik zorg voor verse koffie en schuif Bollani in de hifi, voor de gezelligheid. Buiten is aan een stuk door het gekletter van regenwater te horen, wat met een verstopte dakgoot te maken zou kunnen hebben. Rond een uur of zes vallen Xavier, Benjamin en Emmanuel binnen, ook al uit Brussel. Ze vinden het schilderproject interessant tot zeer goed, 't is echt eens wat anders zeggen ze. Xavier van De Historiaens, die geen van beiden kent, vindt vooral Carole en Stef heel erg goed. Het gesprek komt op 'l'esprit de l'anarchie' en iets dat hier van nature volstrekt tegengesteld aan is: productontwikkeling, marketing. Een koehandel met politieke standpunten, marktstrategie als religie. In de kunstensector doet zich eenzelfde fenomeen voor en het journalistieke discours gaat hierin mee, over de inhoudelijke drijfveer van het artistieke discours wordt met geen woord gerept.
Xavier, Benjamin en Emmanuel hebben een assortiment kleine publicaties bij, een door Historiaens uitgegeven Jaarboek, jaargang 2005, en samples van een aantal concerten.
Een jongedame springt binnen, Cynthia heet ze, het is na sluitingstijd, ze zoekt een huisdier, een grijze kater. Olifant. Olifant die Elvis heet.
-Dag Elvis.
En Elvis Olifant, Olifant die de hele dag in een kartonnen doos een hazenslaapje deed.
Klaus is na veel omzwervingen weer in Gent belandt en huurt een kamertje in Ledeberg bij Nadine, een boerendochter uit de Westhoek. 'Gemaakt in 't wild, gedroogd in de zunne,' lacht ze. Een mailtje van Frank, de webmaster heeft het gastenboek, 'een spamvangnet', van de crox-site gehaald. Britta liet eerder al weten dat ze wat problemen met haar computer had, Lucia dat ze wat tijd zal vrij maken om uit te zoeken hoe het met de encyclopedie zit en Carole dat ze haar fiets morgen komt oppikken.

vrijdag 7 december 2007

vrijdag 7 december

Het is een winderige dag, de eerste zin van Der Mann ohne Eigenschaften dondert over het stadje. 's Ochtends neem ik een kijkje aan Sint-Jacobs. Geen Franse edities van Stefan Zweig bij de boekenman, wel een goedkope herdruk van Advocaat van de Hanen, een roman van Van der Heyden. Doet me om een of andere reden denken aan het feit dat Buster Keaton stierf toen hij een spelletje poker aan het spelen was. 'Toen de grote natuurkundige in 1955 de geest gaf,' staat er in het Lijstenboek of het Onmisbare Handboek van Merkwaardige Informatie, 'werd zijn brein in 240 blokjes gesneden en aan specialisten door het hele land rondgestuurd.' Laten we er even van uitgaan, heel even, dat ze het niet over Einstein maar inderdaad over Buster hebben, Buster die zich spits als een jonge twijg tegen de orkaan keert, Buster die onder neervallende huizengevels doorstapt, zich amper bewust van het voorval, Buster die zich uit situaties redt waar wij alleen tijdens een avondje Kleurenwies vrolijk over zouden durven doen. Sequoia is het enige zevenletterwoord dat alle klinkers bevat, dat staat in het Lijstenboek op bladzijde 341. Het Lijstenboek vermeldt ook 7 zonderlinge zaken die zich op zolder afspeelden, het zijn de beroemdste van alle zonderlinge zaken die zich op zolder afspeelden, het kunstsalon van Madame de Pompadour, Chatterton die zelfmoord pleegt, Eduard Douwes Dekker schrijft Max Havelaar en Marconi vindt er de draadloze telegrafie uit. Ook de eerste constructie en demonstratie van het televisietoestel zou op een zolderkamer gebeurd zijn en als de gewapende arm der wet niet tussenbeide gekomen was had Hitler reeds in 1923 op een zolderkamertje zelfmoord gepleegd. Na een mislukte putsch was hij van plan om zich een kogel door het hoofd te jagen maar de politie verhinderde dat.
Het is een tijd geleden dat ik nog eens in het koffiehuis ben langsgeweest. Zo vroeg op de dag zijn er geen vertrouwde gezichten, er hangt een sfeer van après nous la déluge. Bij Slagerij Zwaenepoel is geen activiteit te bespeuren. Op straat stopt een als sandwich uitgedost jongmens me een folder van de Kerstmarkt toe. Gand se réveille. In de Veldstraat zijn de meeste winkels pas open, andere openen de deuren op een later tijdstip. Ik loop bij Schleiper langs en schaf me wat verftubes aan, Mineralbraun is er een van. Olga belt me. We spreken af om bij Claessens in Waregem langs te gaan.
Frips heeft net de deur van de croxpoort geopend als ik op het woonerf arriveer, er zijn al wat bezoekers, Olifant als eerste. Stefaan Loncke en Geert De Waegeneer hebben een projectvoorstel maar kunnen geen beeldmateriaal voorleggen. Een andere bezoeker is zeer te spreken over het werk van Carole Vanderlinden.

16u, Claessens N.V., wereldvermaard producent van geprepareerd schilderdoek met vestiging te Waregem.
Drie basisrecepten: Oliegeprepareerd schilderdoek (Toiles à l'huile), Universele doeken (Toiles universelles) en Krijtgeprepareerde schilderdoeken (Toiles absorbantes).
Het met krijt geprepareerde doek, een combinatie van vlas en linnen, wordt in hoofdzaak gebruikt voor fresco, verneem ik. Het product wordt vooral in Italië verkocht en zou het favoriete soort doek van Dan Van Severen zijn. Het met krijt geprepareerde linnen - overigens van eenzelfde kwaliteit als de andere producten - is absorbant wat grosso modo voor een grijzere toon zorgt.
Met olie geprepareerd schilderdoek is vooral voor de buitenlandse markt, Amerika en Japan. Roger Raveel gebruikt steevast NR. 20, stevig schilderdoek met een fijne weefstructuur. Het basisproduct wordt tweemaal met lijnolie bewerkt, krijgt eerst een laag zinkwit en wordt dan afgewerkt met een laag titaanwit. Vroeger gebruikten ze loodwit waarmee ze een eindproduct hadden dat soepeler was en beter bestand tegen craquelures. Normaal gesproken is oliegeprepareerd doek voor olieverf en universeel doek voor acryl bedoeld. Tegenwoordig is er een tendens om voor beide universeel doek te gebruiken wat niets met de prijs te maken heeft, oliegeprepaard doek NR 66 bijvoorbeeld is per lopende meter amper 13 eurocentiem duurder dan het met acryl geprepareerde equivalent. Het verschil zit in de behandeling, oliegeprepareerd doek met lijnolie, universeel doek met twee grondlagen acryl en twee lagen titaanwit.
De gigantische tafels waarop het doek geprepareerd wordt bevinden zich op het gelijkvloers achterin het fabrieksgebouw. De ruimte voorin is opgedeeld in een stock, die zich ter linkerzijde bevindt waar op een houten platform over een afstand van ruim dertig meter alle variaties in houten rekken opgesteld staan, en een open plaats waar de bestellingen, verpakt in zware kartonnen kokers, op transport liggen te wachten. Er is een bestelling voor een zekere Jarn Og Gler uit Reykjavik (drie dozen) en een andere, dit keer een vijftal met straps samengebonden kartonnen kokers, voor Kristian August uit Oslo.
Het paradepaardje van het bedrijf bevindt zich op de bovenverdieping. Hier heeft Tuymans onlangs een bestelling geplaatst van doek van 3m10 hoog en 40m lang. 4m20 hoog kan ook. De winkel van Ann De Meulemeester is er mee afgewerkt, dit soort doek wordt namelijk niet alleen voor schilderkunstige activiteit gebruikt. De houten trap naar de bovenverdieping zit onder een dikke koek witgrijze verf die ook de houten steunberen bedekt. De zolderverdieping is een gigantische ruimte waarin over een afstand van 50 meter rijen wit schilderdoek, circa 5 meter hoog en 40 meter lang, tussen de nok en de houten plankenvloer opgespannen werden. Tussen de wanden van wit schilderdoek staan hoge trapladders opgesteld. De lijnolie en de witte verf worden met langwerpige, metalen spatels over het doek uitgesmeerd op exact dezelfde manier als pleisterwerk. Het is een arbeidsintensief procédé, eerst twee lagen lijnolie, zorgvuldig uit te strijken, dan het zinkwit, idem dito, vervolgens titaanwit en dus vroeger loodwit maar dat is intussen verboden. Claessens N.V. is het enige bedrijf ter wereld dat schilderdoek van 4m20 op 40m vervaardigt, doek uit 1 stuk, zonder naad, een indrukwekkend en fascinerend spektakel.

Halfzes. Frips zit in de mediaruimte. Op de houten tafel staat een laptop, ze is bezig. De straalkachel doet het dit keer wel, Marc is langsgeweest en er zijn wat bezoekers geweest, een stuk meer dan gisteren. Een zekere Sylvie had een portfolio bij en zou later nog wel eens terugkomen, zei ze. We hebben het even over de vergadering van gisteravond en de beslissing om tijdens herfst 2008 een tweede editie van BRAINBOX op te starten.

donderdag 6 december 2007

donderdag 6 december

Frips heeft vandaag permanentie en houdt zich in conditie met touwtjespringen. Veel bezoekers heeft ze niet gezien, zegt ze en ze had geen aansteker dus de straalkachel bleef onbenut.
In de gazet hadden ze het over veel regen en wind, aan de kust 13 en in de Ardennen 8 graden, kortom - en ondanks het feit dat 2007 een van de warmste jaren ooit geweest zou zijn - het gebruikelijke kutweer. In de buurt van het Stapelplein staat het fietspad gedeeltelijk onder water, een parcours als een stippellijn van nat droog nat. Olifant kwam op visite en er was een buurvrouw die het werk van Carole schoon vond en toen Frips vroeg of ze ook zelf schilderde lang moest nadenken voor ze daar een antwoord op geven kon.
Marc springt binnen en verbaast zich over het feit dat de straalkachel niet aanstaat. Voor de paraplu in de gang hebt ge geen lucifers nodig, verduidelijkt hij. 'Kijk, dat is een makkie.' Hij steekt het ding aan, de ronde rooster kleurt vermiljoen. Het gesprek komt op de blogspot. In de blogstats heeft Véronique De Cock voor ravage gezorgd. Marc trok het na. Als ge op Google 'Veronique De Cock naakt' intikt, staat de crox-box voorin op de tiende plaats. In de blogstats zelf zorgen de vele variaties op het thema voor een radicaal postmodernistisch proeem, iets in de trant van Jackson Mac Low's 'Is That Wool Hat My Hat?'
'O ja, en er is post,' zegt Frips. Het blijkt om een factuur van Telenet te gaan. Olifant krabt aan de croxpoort. We sluiten de keet en fietsen naar de GB aan de Dampoort. Marc is met de auto.

woensdag 5 december 2007

woensdag 5 december

kleine notitie ten behoeve van de blogstats (3)

Toen ik zelf eens op onderzoek uitging naar Véronique De Cock naakt - en de ontelbaar vele variaties op dit thema - kwam ik tot de vaststelling dat het niet voor de hand ligt om het bronmateriaal te vinden, niet voor iemand die is opgegroeid met het bestuderen van andere mosachtigen dan het wellicht op een streepje na schaamhaarvrije biotoop van de dame in kwestie. Persoonlijk vind ik Véronique De Cock naakt geen type om wild over te doen, dat ze een BV is, is trouwens al helemaal geen pluspunt.
Elk nadeel, zei Cruijf, heb z'n voordeel. Met BV's is het net andersom. Ze bestaan alleen omdat ze door de media gemaakt werden, dat wellicht ook zelf wel wilden (het mes snijdt aan twee kanten) en die media leven van de vele hypes die ze maar wat graag in stand houden. In deze blogspot kwam Véronique ter sprake omdat ze door De Morgen vermeld werd. Bij de cultuurpagina's van De Morgen hoort een klein en lieftallig rubriekje dat zich op het wel en wee van de BV-sector focust. Er staat helemaal niets dat je als lezer of ex-lezer van De Morgen zou willen weten. Paris Hilton die het met een koffiemolen doet - of met een hooidorser wellicht - is net zo interessant als het zoveelste beeld van een amoebe in digitale versie. Met mediafiguren geldt een simpele regel: het ding moet zich interessant maken voor het interessant had kunnen zijn.
In 1969 had Gainsbourg een hit met Je t'aime moi non plus. Tik op Google 'LUI magazine' in en duik in het archief van dit Franse blootblad. Het decembernummer van 1969 is er een met naaktfoto's van Jane Birkin. Serge Gainsbourg figureert als minnaar. 'Ou sont les neiges d'antant.'
Die hele retoriek van het BV-schap is een grijze ochtend, het gebruikelijke kopje koffie, de kinderen kijken op TV naar comics en met je lieftallige eega botert het niet hoewel dat voorlopig alleen uit de bijverschijnselen blijkt.

Itutitu of het vermaak van de kleine dingen

Itutitu is 16 centimeter hoog. Het koperen beeldje stelt een hond voor, was eind 18de eeuw in Indonesië vervaardigd en kwam eind jaren tachtig van vorige eeuw na tal van omzwervingen in een antiquariaat aan Sint-Jacobs terecht. Koperen beeldjes uit het Indonesië van de 18de hadden best wel wat marktwaarde maar geen publiek dat er interesse voor had. Het beeldje, dat een hondachtige godheid voorstelt, kwam na een of ander vervelend karweitje op het atelier van een kunstenaar terecht. 'Hebben ze geen interesse voor en het brengt amper op,' zei de pandjesbaas. De kunstenaar was in z'n nopjes. De hondachtige die hier en daar een scheur vertoonde, reden wellicht waarom het antieke beeldje geen marktwaarde had (door de vele handen die het hadden aangeraakt had het koper een donkere kleur gekregen), torste een uitstulpsel op de knie. Dit fallusachtige beginsel stelde een mens voor. Een lange en dikke tong hing uit de bek van de hondheid, een tong - geboetseerd als een zachte en vlezige welving - die bijna tot de schedel van de als fallus afgebeelde homenculus hing. De kunstenaar nam het beeldje mee op zijn vele reizen. Hij wikkelde de godheid in krantenpapier dat hij er afhaalde zodra het zijn bestemming bereikt had. Gedurende meer dan tien jaar vergezelde het hondje de kunstenaar tot het artefact op onverklaarbare manier verdween en in andere handen en op een andere plek belandde.

dinsdag 4 december 2007

dinsdag 4 december

Eerst aan de telefoon Oolf met een mededeling, dat hij wat later komt. Hoeveel later houdt het midden tussen vier bladzijden Voskuil en trage stoelgang. Dit amper via de gehoorbuisjes tot mij genomen hebbend toetert Frips in de nog warme en vochtige oorschelp. (adjectieven te wijten aan niespuin) En ik vroeg: Marc is aan het wachten waar? Op het woonerf, zegt ze, alsof ik dat soms niet kunnen weten had, waarna ik een ondergefrankeerde tirade over me heen krijg. Derwijze door temperamentvol gekijf aangemaand tot plotse spoed ben ik gedurende enige tijd aan het fietsen. Luttele ogenblikken later beland ik hierdoor ter hoogte van Ham, huisnummer 74, en vertoef er in het gezelschap van Johan Joos. Joos die zich taai hield maar toch reeds sporen van een zekere rusteloosheid vertonen mocht. En waar was Marc? Op het woonerf, op het woonerf jongen, op het woonerf. Dus ik bel Marc. En Marc: waar staan te wachten wij. Waar en wat en hoe, waarom. Dat wij dus hier in Ham op hem en hij aan crox op ons. Staan hier te wachten dus, Joos gekromd, ik toegetakeld met een wollen muts, de ogen een kanteling bijtijds in een verte van de bijna lege straat. En aan de hoek? En aan de hoek nog zo'n straat. En daar, voorbij de Congostraat, aan het kruispunt waar een lijnbus draait, is een Turkmeen in donkergrijs kostuum, hij laat de auto uit en verdwijnt weldra uit beeld terwijl dichterbij een jonge vrouw aan de halte van de bus die zopas om de hoek verdween tot wachten kwam. Zo staan te wachten Joos en ik nadat het in de garage tot een confrontatie met de werken komt. En staan opnieuw te wachten met Marc erbij tot Oolf belt en resumeert dat hij ter hoogte van nummer 117 is aanbeland.
-Ham 117?
Dat is precies gelijk drie plaatsen tegelijk. En drie plaatsen tegelijk, waar is dat.
-Luistert, Oolf, wat staat gij daar te doen.
-(kalm, onverstoorbaar) Omdat ge Ham 117 hebt gezegd.
-We staan op de stoep voor huisnummer 74.
-74?
-117 had ik verkeerd ingeschat.
-En waar is dat?
-'t Is een zwarte gevel, ge kunt niet missen.

Kinderstemmen. Het middaguur van een grijze dag. Olifant komt een kijkje nemen. In de corridor is het deksel van een van de kokers gewaaid. Oolf en Joos sleuren een tafel naar het woonerf. Marc test de lichtmeter. In de grote zaal was er te weinig licht. De tafel komt omgekeerd en schuin tegen de taxushaag van de buren terecht, een op het eerste wat rare maar aanvaardbare constructie die dient als steun voor de vellen papier. Van elk gedicht neemt Marc drie foto's, voor de zekerheid, met een Canon van 8 megapixels. Van tijd tot tijd likt een vleugje wind aan de zijkanten van het papier. Het grijze weer is precies wat we nodig hebben. Een van de titels is SCORDATURA. Staat niet in het woordenboek en in Thijsse, Geïllustreerde Flora van Nederland, komt het evenmin voor. Drie hoofddeksels: een klak, een muts, een hoed. En de cirkelzaagfuga. 'Ja, die vingers...,' zegt de hoofdredacteur, die zich hoogst persoonlijk over de consequenties van het zuchtje wind en het schuine tafelblad bekommert, 'die ga ik wegfilteren. Dat is geen probleem.'
-En die dingen hier allemaal?
Joos wijst een miniatuurpaardebloem aan die tussen de voegen van de betegeling tot ontplooiing en wasdom kwam, en voorts ook wat mos en kleinere gewassen.
Dat, zegt Marc, gaat er niet op staan.
Dus hoeven we het evenmin weg te nemen, bedenk ik opgelucht.
Na de grotere de kleine gedichten, alles in dat onnavolgbare handschrift van Joos. De schoolbel schilt het speelplein.
Van de gedichten, ontdekken we, zijn er enkele die onder de scanner kunnen. Marc steekt de terrasstraler aan, paddestoel en paraplu. We drinken koffie en genieten na van een vruchtbare en betekenisvolle dag.

Envoie. Eerst moet ge een BV zijn. Dan kunt ge u door een ghostwriter een boek laten schrijven. Zo gaat dat.

maandag 3 december 2007

maandag 3 december

kleine notitie ten behoeve van de blogstats (2) of hoe het Belachelijke Vlamingschap cultureel analfabetisme in de hand werkt

Bravo! Zopas heb je 'Véronique De Cock naakt' of 'Véronique De Cock gsm naakt' of 'Véronique De Cock naakt hotel' op Google ingetikt en je bent op deze blogspot belandt wat niet eens zo'n bijzondere gebeurtenis is. En ben je al weer weg?
Onze interesse voor de dame in kwestie, voor zover je dat kan interesseren, beperkt zich tot de vaststelling dat zij op vrij reguliere basis opduikt in de cultuurrubriek van onder andere De Morgen en dus, kortom, ook voor lezers van wat een kwaliteitskrant heet te zijn geen onbekend talent. Zelfs warm ingeduffeld tegen de winterse kou lijkt het mens nochtans niet veel om het lijf te hebben maar in de stats van de crox-box heeft ze dankzij U voor een ware omwenteling gezorgd! Dat de kijkcijfers (of leescijfers, als je het zo noemen wil) omgekeerd evenredig blijken aan de kwaliteit van het geleverde product licht een tip van de holle en van zichzelf bolstaande kijkcijferstrategie van wat ons als BV's door de neus geboord wordt en het voze belang van statistieken en prognoses (misschien levert Yves Leterme naakt eenzelfde scenario hoewel dat te betwijfelen valt).

werkvergadering croxboek NR 9

De buik van Anja is megadik. De bevalling, zegt ze, is berekend op overmorgen. Rob parkeert zijn laptop in de mediaruimte. Philippe is pas terug uit New York. Om de straalkachel aan de praat te krijgen heb ik een aansteker nodig en die is er niet. De krantenwinkel op de hoek van de Dampoortstraat is dicht. Ik stap naar het Dampoortstation en schaf mij extra de maandageditie van De Morgen aan en de dagelijkse portie kouwe kak. Terug in de mediaruimte hangt de hoofdredacteur aan de lijn. Hij zal een half uurtje later zijn. Ik informeer het gezelschap: 'Johan zal een half uurtje later zijn'. Philippe, Rob en Anja zitten over de scans gebogen, de nochtans niet geheel onbelangrijke informatie lijkt niet tot hen door te dringen. Ik zet een pot koffie, Olifant springt binnen. Dag Olifant. Er is een postpakket met recent werk van Britta Bogers. Wie een kopje koffie? Philippe kopje koffie, Anja een halfje, Rob niet. Rob heeft een belabberd weekend achter de rug. Philippe liet zijn haar kort knippen. Ik hou een brandend stukje karton voor de straalkachel en neem de gazet door. Focus op de crash van Leterme, 8 pagina's extra. Philippe ontdekt dat enkele tekeningen er niet helemaal op staan. Dus moeten de scans opnieuw. Verkleinen is geen optie, zegt Rob, scannen is 1 op 1. Bollani in de hifi. Koffie met melk of zwart? Zwart. 'De drukkerij,' specifieert Rob, 'vraagt 2mm afloop. Ergens tussen 0 en 2mm gaan ze snijden.' Er is telefoon van Sara Pessoa. Johan springt binnen. Iemand zegt: we hebben een probleem. De hoofdredacteur schuift een zitmeubel bij en aanhoort het probleem. Met diagnostische blik analyseert hij de kwestie. Alles heeft te maken met de glasplaat en de behuizing van de scantrommel. Nieuwe scans laten maken zal dus geen beter resultaat leveren. De tekeningen door een trommel jagen is de enige oplossing en dat is duurder. Veel duurder. Idem flappen, idem gekleurde binnencover, dat maakt het allemaal duurder, veel duurder. Hij belt naar Reproduct. Daar zijn ze op de hoogte van het probleem. De flatbedscanner kan A3 aan maar de tekeningen van Philippe zijn net een tik groter. Elk ander scenario, planafdruk bijvoorbeeld, is uitgesloten. Voor drukwerk kan je met planafdruk niets aanvangen. Een zijsprong, het gesprek komt op Auf der andere Zeite. Aan tafel buigen we ons weer over de laptop en de scans en wat we zouden kunnen doen. 'Wat we gaan doen,' legt Rob uit, 'we gaan dat proportioneel 2mm verkleinen.' Al of niet aflopend is nog zo'n kwestie. Kijk, alle tekeningen aflopend, dat vindt de hoofdredacteur geen goed idee. Dus haalt van er 'L'important c'est le kamikaze' bij, dat andere boek met werk van Philippe, een uitgave van Musée Rimbaud.
'Want,' vervolgt de hoofdredacteur, 'dan dreigt een deeltje van de tekening weggesneden te worden.' Dus afwisselend aflopend en in een kader, dat is het beste.
Het loopt tegen vijven. De avondschemering hult het woonerf in een waas van onduidelijke begrenzing.

Behangpapier Janssens doet totale uitverkoop. Na Jean & Margritte en Huis Mortier dreigt nog een icoon van de Gentse middenstand te verdwijnen. Met de meters behangpapier die hier over de toonbank gingen zou je het complete Oeralgebergte kunnen inpakken. Generaties Gentenaars hadden de keuze uit een psychedelisch assortiment waarvan het omvangrijke corpus alle tot nog toe bekende esthetische uitspattingen van de jaren vijftig en zestig en zeventig documenteerde. Ook voor het donkere assortiment van het Interbellum en de belegen zedigheid van het Victoriaanse tijdperk kon je er terecht, fleurige Ashley-patronen, taferelen met een honingsmikkelende Winnie The Pooh of een grijns van Che Guevara, in bloedrode bloemkelken verdrinkende colibri's, guirlandes voor de bestekamer en wat lange tijd, misschien nu nog, het stropapier werd genoemd, een wit tot beige-wit behangpapier met een patroon van onderhuidse schilfers, iets waar ontelbaar veel studentenkamers en appartementen van kunstenaars in residentie mee behangen werden.
In Oudburg is er de gebruikelijke va et vien. Door dat eenrichtingsparcours werd het straatje een van de meer belangrijke verkeersaders van de Gentse binnenstad. In de wasserette is een Afrikaanse vrouw in de weer. Iemand zit in een boek te lezen.

zondag 2 december

Olifant is er als de kippen bij en inspecteert het platform boven de kubusruimte, dat doet ze telkens opnieuw dus misschien bevindt zich hier een muizenroute aan de binnenzijde van het houten bouwsel. De eerste bezoeker vandaag is Vincent De Roder. Hij heeft een voorkeur voor het werk van Stef en verdedigt een schilderkunst die hij als simpel en puur definieert. Is ook met goud bezig, zegt hij.
Op zondagnamiddag geeft uiteraard ook de achterban present, dit keer familie van Carole en Ian. De weerdienst zou een storm voorspeld hebben en dat blijkt ook uit de bezoekersaantallen, de mensen waaien binnen. Er zijn zoveel bezoekers dat ik de tel kwijtraak. Tussen Sint-Jacobs en de Dampoort zit het verkeer in de knoop. Olifant, een sociaal en mensvriendelijk dier, is door het dolle heen, rent op en af, eerst de mediaruimte, dan een ommetje over het woonerf, dan inspectie van de kubusruimte. De poort waait dicht, regen klettert over de binnenstad, strontweer, Olifant - die vandaag heel erg actief is - kletsnat. Frips en Marc zijn naar British Vision geweest, wat ze heel erg de moeite waard vonden zeggen ze, en gisternacht is Marc met z'n fiets gevallen, dat is aan de bocht vlakbij de Opera gebeurd. Rik Soenen trotseert het noodweer, heeft foto's bij van recent werk, het gesprek komt op techniek, hij legt uit hoe hij laag na laag met dunne verfstroken zijn palet uitdiept, soms nat in nat tot hij bij de gradaties uitkomt die hij hebben wil. Carole komt even langs, ze zoekt een atelier zegt ze, niet meteen, binnen een jaar of zo moet ze weg uit het schooltje in de Bernadettewijk, best jammer, ze heeft er een prachtig uitzicht en vindt maar eens iets dat betaalbaar is. Dan Jos die om een of andere reden in de patatten zit, 't is een tijd geleden dat hij nog geschilderd heeft. Sigrid en Juliette, Juliette met een kleurrijke wollen muts en een autoped die ze van de Sint kreeg. Jos sakkert, heeft last van stereotiepen. Tegen sluitingstijd telefoon van Philippe en een korte introductie tot de werkvergadering morgen maandag.

De laatavondvertoning van Hallam Foe in Studio Skoop, een mainstreamproduct schatplichtig aan de stereotypen van de Britse crimi. Het Schotse hoogland, schone landschappen, Edinburgh, Scottish blondes.

zondag 2 december 2007

zaterdag 1 december

Aan de poort staan twee bezoekers. 'Net op tijd,' grap ik. Nee, zij zijn het, ze zijn een tiental minuten te vroeg, ze waren bij Vits langsgeweest maar die was dicht, dus laten we eerst maar bij croxhapox langs gaan dachten ze. Ik parkeer de fiets, open de croxpoort, steek de zaallichten aan. Marc De Hay is uit Amsterdam, deed mee aan het mailart project. Hij was op bezoek bij de dame. Zij woont in Terneuzen. Ze zeiden Marc nu je toch in Terneuzen bent, dus namen ze de bus. 'Uit Terneuzen helemaal tot hier?' zeg ik verbaasd. En ze zijn bij Vits langs geweest maar die was dicht dus voor ze straks de bus terug nemen gaan ze gauw nog eens bij Vits langs. 'Je hebt in Gent gewoond,' zeg ik. Nee zegt ze. 'Omdat je Vits kent,' zeg ik. Je vindt er dingen die je alleen daar vindt, zegt ze. Ja, vroeger hadden we het over De Turk, omdat je er al die specerijen vond, maar tegenwoordig zijn er zoveel Turkse winkels dat dat in onbruik raakte.
Er is een probleem met het zaallicht in de grote zaal. Ik reinig de tegels met een vochtige lap en deponeer het eerste deel van Het Bureau van J.J. Voskuil op het barmeubel. Een jonge vrouw parkeert een kinderwagen in de hall. In de wagen doezelt een baby, het kindje heeft bolle wangen en is warm ingeduffeld. Ik bekijk de baby, een schattebol. 'Ziet er vers uit,' grap ik. De mama lacht, 'twee maanden' zegt ze. De papa komt er bij staan. Op het woonerf zijn kinderstemmen. Het zijn de Marokkaanse kinderen, ze voetballen. De baby zou Dora heten, verneem ik, en is een rustig kindje. Papa en mama komen voor het werk van Kurt Duyck. Of hij een kunstenaar is, vraag ik aan de papa. Het is een fenomeen dat me nieuwsgierig maakt en net zo vaak beangstigt. Nee, hij werkt voor De Standaard, de sectie boeken van de cultuurrubriek. Hebben ze iemand voor beeldende kunst, daar bij De Standaard, vraag ik. Bij De Morgen regent het oude nonnen. In overdrachtelijke zin: waar schrijven ze over. Ik som op waar ze het deze week in De Morgen over hadden op het vlak van beeldende kunst. Op maandag melding van het feit dat een schilderij van Jan Steen voor 5 miljoen euro over de balk ging, op dinsdag een veiling van schilderijen van Toon Hermans, op woensdag iets over Alechinsky, een architecturaal tentoonstellingsproject in Brussel en een lachwekkend fotoproject, iets waar je onder geen beding geconfronteerd mee wil worden, te gek voor woorden. Op vrijdag tenslotte iets over Rubens, meer niet. Met alle respect maar is dat journalistiek? Ik geef Jan een set van de croxboeken, Nicolas Leus springt binnen. Hij is een grote fan van het werk van Kurt Duyck. Schitterend project, zegt hij, fantastisch. Hans Martens springt binnen. Ik heb een cadeautje voor je, zeg ik. Stef komt de werken oppikken die we niet in het schilderproject toelieten. Hans heeft honger, ik maak een portie crox-salami aan, het gesprek komt op de politieke impasse. Dat die Leterme zo gauw mogelijk opstapt. Leterme en De Wever, dat is populisme, volksverlakkerij, ideologisch stelt het niets voor, zwijnerij, weerzinwekkend. Reynders is voor iedereen aanvaardbaar. Nicolas en Hans blijven plakken, Guy springt binnen.
'Ik vind dat echt een probleem tegenwoordig,' fulmineert Leus, 'de correcte smaak, die smaakvolheid, dat elitaire. Gent smaakvol, kindjes smaakvol, smaakvol meubilair en dus ook smaakvolle schilderijen. Ik vind dat echt een probleem.'
Nicolas steekt een tandje bij, windt zich op. 'Een zeer terechte keuze dat ge Kurt er bij genomen hebt.' Het gevaarlijke moment als ge aan een werk bezig zijt, dat ge een schilderij begint te maken dat bedoeld is om belangrijk te zijn, dat ge begint te pleasen. Schilderijen, Nico vervolledigt zijn redenering, die niet de verwachting van het hedendaagse inlossen, dat is chapeau. Stukken beter dan mêêêh mêêêh.'
Olifant wipt binnen. We drinken biolegère. Het gesprek komt op de anarchisten, Proudhon, Bakoenin - die uit de Internationale gesmeten werd grosso modo omdat hij het oneens was met de autoritaire standpunten van Marx - en Prins Kropotkin, een groene jongen. Malatesta hoort er ook bij, meent Leus.

zaterdag 1 december 2007

vrijdag 30 november

Tegen de middag spring ik aan de Schaapmarkt bij de Griffie van Koophandel binnen. Het is onduidelijk wie aan het hoofd staat van de hier te werk gestelde en in kommaneukerij gespecialiseerde ambtenaren. De Grote Kommaneuker is ongetwijfeld een schriel mannetje in een grijze kiel, gladgeschoren en samengesteld uit brokstukken schaambeen wat bij ambtenaren van dit slag een klassieker is. Aan de Schaapmarkt, het is vrijdag, staat een gids van de stadsdienst een van de gebouwen aan de overzijde van het straatdek te bespreken. Er worden wat foto's gemaakt. Voorbereid op het gebruikelijke scenario - in ontbinding verkerende dames die met een dunne en moeizame glimlach het woord nee uitspreken - muteer ik in Androïdus Apekots, een op het minzame gezelschap van kommaneukend stadspersoneel ingestelde androïde, iets waar een zekere naïviteit bijhoort meen ik, en bij die naïviteit natuurlijk ook de gebruikelijke portie savoir faire. In de doorgang stuit ik op een weerzinwekkende geur. Aan de infobalie zit niemand. Normaal gesproken zit hier een dame maar die is er dit keer niet. Aan een glazen deur, de deur geeft op een koertje uit, kleeft een papier met de mededeling dat ze die deur gesloten willen. Andere deuren staan wijd open, een deur die toegang verschaft tot de toiletruimte en een identieke deur die op een smalle doorgang uitgeeft waar de vloer pas gedweild is. In het gebouw hangt een sfeer van 'après nous déluge XL'. De griffie zetelt op het eerste, ik ben er vaker geweest. Vandaag is er niemand. De plek maakt een desolate indruk. Het lijkt ondenkbaar, lachwekkend en volstrekt ongeloofwaardig dat ik er ooit in geslaagd ben om hier een ledenlijst te deponeren. De afdeling die zich met vennootschappen en vzw's bezighoudt, is ter linkerzijde. Dat staat keurig aangegeven met richtingwijzers die ook de andere departementen aanduiden. Rechtsop is een doorgang naar het kantoor van de hoofdgriffie. Ergens verweg in een andere dimensie van het gebouw is de stem van een dame. Ik stap rechtsop en beland voor een met zwart leder afgewerkte deur. De gang linksop, voorbij de lederen deur, eerst smal, verderop breder, lijkt op een van die smalle straatjes in het geheime centrum van Màlaga centro, zonder het stoffige zonlicht en zonder de vochtkringen van urine en braaksel. Een benauwende, bijna angstwekkende properheid. Kale muren. Het ontbreekt de ambtenarij aan visie. Je zou de ruimtes waar je dag in dag uit werken moet toch net zo goed gezellig kunnen inrichten of op zijn minst in de vaas met plastiekbloemen pissen. Ik maak rechtsomkeert en duw de zwaaideur open van de ruimte waar zich de balie van het departement Vennootschappen en Vzw's bevindt. Midden het lokaal staan lege wandkasten, stoelen, banken en tafels die door het Gild der Kommaneukers in chaotische ledigheid achtergelaten werden alsof ze er hals over kop vandoor gingen nadat op een van de verdiepingen cholera uitgebroken was.
Aan de straatdeur is een papier bevestigd: VERHUISD NAAR DE OPGHEËISTENLAAN staat er in een op de komma na wat slordig en haastig handschrift en met een H die er volledigheidshalve als overbodig rekwisiet aan werd toegevoegd.

In de krantenwinkel aan het Belfort heeft de gerant wel zin in een praatje. Die boeken die De Morgen de hele tijd door loost, vindt hij maar niets. Trouwens, in De Sleghte liggen ze aan 6 euro terwijl hij ze aan 7 euro slijten moet. Hij is een boekenlezer. Zo'n detective gaat er wel in, zegt hij opgewekt. Hij rommelt in een fichebak en pulkt een titel tevoorschijn, iets van Bavo Dooghe. Is niet vertrouwd met Leonard en Chandler, van wie hij de naam noteert.

In de croxruimte tref ik Frips en Marc aan. Frips informeert me over de stand van zaken. 'Olifant is hier al geweest, zodra de deur open was kwam ze binnen en ze sprong op mijn schoot, en nu jij er bent komen we aan twee bezoekers.' De andere bezoeker heet Karel en zit welgemutst van een vrij moment te genieten. Hij informeert hoe het met de Saeco koffiemachine zit, of we die soms gedumpt hebben. Het gesprek komt op de Ikea van Smetlede. Daar hebben we onder andere de ijskast en het barmeubilair gekocht en de lederen fauteuils kregen we er gratis bij. Lu springt binnen en die euh, die meneer die haar altijd vergezelt, hoe heet ie weer. 'Afkicken.' Ze komen van Lineart, kennen het werk van Kurt Duyck. Het werk van Kurt wordt vrij algemeen als opmerkelijk tot zeer interessant ingeschat. Merlyn vindt er niets aan, hij heeft het meer voor het werk van Stef. Lucia zou veel werk hebben dus is het maar de vraag of ze tijd vrijmaken kan om de crox-encyclopedie te repareren.

Marc opent de site van Nicéphore Niépce. Die Nicéphore Niépce zou de allereerste foto gemaakt hebben, 'Paysage à Saint-Loup de Varennes'. In 1827 was dat. De opname toont een grijs en schimmig landschap en is gemaakt vanuit een raam op het eerste. Marc is er geweest. Hij wou een foto maken vanuit datzelfde raam maar dat mocht niet. Saint-Loup de Varennes is vlakbij Chalons-sur-Soâne. Er is onderzoek verricht naar de plaats waar Nicéphore de camera opgesteld zou kunnen hebben. Ze ontdekten dat er geen raam was, het raam zat op een andere plek. Dus gingen ze onder het plaasterwerk zoeken en daar ontdekten ze het oude raam en dat zat inderdaad exact daar waar ze het verwacht hadden. De Gebroeders Niépce hebben nog andere uitvindingen op hun naam staan, le vélocipède (een loopfiets), de pyréolophore en 'la machine de Marly'. Nadar, nog zo'n pionier van het lichtdrukmaalprocédé, had een passie voor ballonvaart. Daar kwam telkens zo'n massa volk op af dat er niets anders op zat dan een transporteerbare afsluiting te fabriceren, legt Marc uit, een product dat we nu nog altijd kennen als de nadarafsluiting.
En zo, beste jongens en meisjes, werd het dus toch nog een leerrijke dag.